Het verhaal van de uitvinder

Geertruida! Geertruida! "Ja, hier ben ik al", hijgde Geertruida, terwijl zij haar natte handen aan een punt van haar schort afdroogde. "Vrouw, ik heb het gevonden! Ik ben de uitvinder van de radiotoekomsttelevisie." "Nou moet je niet vloeken, Bertus, Zeg me liever, wat er met die uitvinding is." "Dat is juist de uitvinding, mens, je kan je toekomst op het doek zien. Ga hier maar eens zitten." "Eventjes dan, want mijn boontjes staan op het vuur." "Zie je dit toeste1?" "Toeste1? 't Is een gewoon kissie met een handdoek er voor," zo betitelde vrouw Pimme de uitvinding, van haar man.

"Hier, zet nu de koptelefoon op, dan zal ik je in het kort de werking van mijn radiotoekomsttelevisie vertellen, de electrische draden, die van de zetel van het verstand naar het toestel lopen geven op het witte doek een beeld van een bepaald moment in de toekomst." "A1s ik het wel heb, dus een soort van waarzegster" "Niet· zulke minderwaardige vergelijkingen, alsjeblieft! Om je een voorbeeld te geven: je zou graag willen weten, hoe het bezoek, dat je Zondag bij nicht Philomeen wilt maken, zal aflopen." "]a, ik zou wel eens willen weten, of ze het nog eens waagt, haar neus in mijn zaken te steken." "Nou, ga zitten en denk aan nicht Philomeen, terwijl je naar het witte doek kijkt" Op het scherm kwamen twee vrouwen, die elkander in het haar vlogen en met haarspelden bewerkten. "En wat zeg je ervan, is het geen .wonder?" vroeg Bertus. "Een wonder? ’t is een heks, zeg ik je, om mij zo te willen toetakelen, ik zal er wel voor oppassen, om naar haar toe te gaan." "Mooi zo, maar wat zeg je van mijn uitvinding?" "Reusachtig, dat zeg ik, zo’n ding is in staat, om 'n mens van veel terug te houden." "O, zo, en daarom wil ik mijn uitvinding ten dienste stellen van de ongelukkige maatschappij; ik wil er mee naar de stad gaan en de mensen laten zien, waar ze al niet toe kunnen komen, als ze aan hun slechte voornemens toegeven." "Als je er maar geen narigheid mee krijgt, man!" "Wat narigheid!" stoof Bertus op, maar Geertruida hoorde hem al niet meer, want de lucht van aangebrande boontjes had haar naar de keuken teruggeroepen.

het verhaal van de uitvinder De volgende morgen nam de uitvinder van de radiotoekomsttelevisie, met in de éne hand zijn toestel en in de andere een valiesje, de trein naar de stad. De hele dag liep hij rond, om iemand te vinden, dien hij geschikt vond, om er zijn uitvinding op toe te passen. De meesten hadden te veel haast en die geen haast hadden, waren te gemoedelijk, om zich met ernstige vraagstukken bezig te houden. Hij moest mensen hebben, die met plannen rondliepen, die ergens mee in de knoop zaten, die het met zichzelf niet eens waren. In de havenwijk bijvoorbeeld, waar bandieten en schurken huisden. Tegen het vallen van de avond ging Bertus dus de havenwijk in en kreeg al gauw 'n paar tamelijk ongure typen in het oog. Ze stonden in de schaduw van een laag muurtje met elkaar te fluisteren. Om te horen, wat zij zoal zeiden, deed Bertus, of zijn schoen was losgeraakt en terwijl hij zich bukte, ving hij de volgende woorden op. "Vannacht, een moeilijk zaakje, miljoentjes te halen, de handelsbank, twaalf uur de beste tijd.

Dat was nu juist een stelletje geknipt voor de uitvinding. Bertus richtte zich op en zei beleefd: "Goeie avond, heren, mag ik zo vrij zijn u mijn uitvinding te tonen?" "Wat uitvinding?" "De radiotoekomsttelevisie, die u zal tonen, of uw plannen zullen slagen, ja of neen. En alles gratis." "Nou, kom dan maar op met je uitvinding, maar ik waarschuw je, ons niet voor de gek te houdenl." "Geen sprake van, heren. Hier, zet u de koptelefoon maar open kijkt u aandachtig naar het witte doek." Nauwelijks had een der mannen aan dit verzoek voldaan, of hij riep uit: "Wel, heb je ooit van je leven! Daar zie ik mezelf tussen twee agenten weggeleid worden!" "En ik dan," riep de ander even later, "ze sleuren mij regelrecht de gevangenis in. Nou, professor, we zullen voor vannacht maar van ons plan afzien, want de politie schijnt lont te ruiken. Kom morgenavond maar weer hier, bij de kromme lantaarn, dan zullen we eens kijken of we een betere kans hebben." Bertus straalde van vreugde, dat zijn radiotoekomsttelevisietoestel zo goed werkte.

Hij zocht een hotel op om te overnachten en sliep rustig tot in de late morgen, toen de ochtend bladen en de radio omroepers al verteld hadden, dat er die nacht bij de Handelsbank was ingebroken en de dieven er met de buit vandoor waren gegaan. Bertus Pimme bracht die dag door op een bank in het stadspark, terwijl hij zich overgaf aan allerlei luchtkastelen in verband met zijn uitvinding. Licht als een veertje begaf hij zich 's avonds, volgens de afspraak, naar de kromme lantaarnpaal. De twee mannen stonden er al. "Zo," zeiden ze, "daar heb je den profeet, die brood eet." "Wat zegt u?" "Wat, begrijp je dat niet? Hou nou maar op met je huichelpraatjes. Net of jij niet onder één hoedje gespeeld, hebt met onze tegenstanders, die de bank bestolen hebben en er van door zijn. Heb jij ons soms die poets niet gebakken met je radiotoekomsttelevisie? Maar nou zullen wij jou de huid eens wassen, mannetje." Toen Bertus Pimme een week later uit het ziekenhuis ontslagen werd en weer naar huis ging, kon hij maar niet aan zijn vrouw vertellen, hoe alles gegaan was. Hij wist alleen, dat ’n paar agenten hem 's avonds bewusteloos, met een blauw oog en een bloedneus bij een kromme lantaarn hadden gevonden. Het radiotoekomsttelevisietoestel borg hij in de kast, want "de mensen kunnen er nog niet bij", zei hij. (CEDA)


Bron

geschikt voor Roomse kinderen Tijdschriften speciaal voor de jeugd zijn er al sinds begin van de vorige eeuw. Van mijn vader kreeg ik ooit een set weekbladen genaamd "weekblad voor de Rooms jeugd" uit 1940. De tijdschriften waren gedrukt op het goedkope papier wat men in de tweede wereldoorlog gebruikte en de tijdschriften vielen af en toe bijna uit elkaar. Met een beetje zorg heb ik de bladen wat hersteld en in een ringband map gedaan. Als kind las ik de verhalen van de kabouters Jaap, Joop en Joep en Jan Jokkebrok. Ook stonden er strips in als "12 ambachten, dertien ongelukken" en mooie verhalen uit Nederlands Indië. Sommige verhalen heb ik mijn kinderen zelfs nog voorgelezen maar in die tijd had men nog niet zo'n medelijden met de tere kinderzieltjes en van sommige verhalen konden de kinderen echt niet slapen. Op dit deel van de site wil ik een deel van dit materiaal in digitale vorm opslaan voor de toekomstige generaties. Dit zal ik proberen zoveel mogelijk in de vorm van teksten te doen maar ook zal ik proberen de oorspronkelijke afbeeldingen en zelf de advertenties te scannen en op te slaan. Ik wens u veel leesplezier en hoop dat alles wat ik hier neerzet ondertussen rechtenvrij is. Vriendelijke groet, Hein Pragt

Last update: 05-11-2022


Disclaimer: Hoewel de heer Pragt de informatie beschikbaar op deze site met grote zorg samenstelt, sluit hij alle aansprakelijkheid uit. Op de artikelen van de heer Pragt rust auteursrecht, overname van tekst en afbeeldingen is uitsluitend toegestaan na voorafgaande schriftelijke toestemming. Heinpragt.com is ingeschreven bij de KvK onder nummer: 73839426 en is gevestigd in Veenendaal.  Lees hier de privacyverklaring van deze site. Voor informatie over adverteren op deze site kunt u contact opnemen met: (heinpragt@outlook.com).