Maand: oktober 2022

De drie zeven

socrates

Mijn hele leven heb ik moeite met leugens, kwaadsprekerij en roddels, dit heeft ook met mijn oprechte gevoel voor eerlijkheid te maken. Bovendien mis ik door mijn autisme het vermogen om hier op “terug op de manipuleren” en weet ik dat je bijna niet kunt bewijzen dat je iets “niet gedaan hebt!”.  Toch lijkt het in de mens ingebakken te zijn, de meeste mensen smullen van een lekkere roddel. Vaak heb ik het idee dat het horen van iets slechts over een ander hen het geruststellende idee geeft dat ze zelf nog wel meevallen. Het horen van iets slechts over de ander is dus goed voor hun eigen eigenwaarde. Maar er zijn ook mensen die door middel van leugens en kwaadsprekerij hun eigen straatje schoon proberen te vegen. Er zijn ook genoeg leugens over mij verteld en het verbaasde mij ook altijd hoeveel mensen dit zonder wederhoor zomaar voor waar aannamen. Het erge hieraan is dat het mij beschadigd heeft maar ook het leven van andere mensen. Ik probeer me altijd verre te houden van roddels en denk vaak aan het oude verhaal van Socrates.

Een man kwam bij de Griekse wijsgeer Socrates en zei “Socrates, ik moet je iets vertellen over je vriend die…”.  “Stop..”, onderbrak Socrates hem, “voordat je verder gaat, heb je het verhaal dat je mij wilt vertellen gezeefd door de drie zeven?”. “De drie zeven?”, vraagt de man verbaasd. “Laten we het proberen”, stelde Socrates voor. “De eerste zeef is de zeef van de waarheid, heb je onderzocht of het waar is wat je mij vertellen wilt?”. “Nee”, zei de man, “ik hoorde het zojuist vertellen en…”.  “Ah juist!”, zei Socrates, “dan is het toch zeker wel door de tweede zeef gegaan, de zeef van het goede?”. “Is het iets goeds wat je over mijn vriend wilt vertellen?”. Aarzelend antwoordt de man: “Eeeh nee, niet echt…”. “Hm”, zei Socrates, “Laten we dan de derde zeef gebruiken, is het noodzakelijk om mij te vertellen wat jou zo opwindt?”. “Nee, niet direct noodzakelijk”, antwoordde de man. Waarop Socrates zei: “Als het verhaal dat je vertellen wilt, waarschijnlijk niet waar is, niet goed is en niet noodzakelijk is, val mij er dan niet mee lastig.”.

Ik zou graag gewild hebben dat in mijn leven een aantal mensen dit meer gedaan hadden. Ik kan er nu ik ouder ben geworden makkelijker mee omgaan, mensen die zo makkelijk kwade onwaarheden over mij willen geloven zijn ook  niet de mensen waar ik mee om wil gaan. Ik heb liever een select groepje mensen waar ik echt van op aan kan. Een Haagse makker van mij zei altijd tegen mij: “Hein, ze kenne beter over je fiets lulle, dan over je lul fietse” en ondanks dat hij en ik erg verschillend waren, deelden we de oprechte eerlijkheid. Ik mis zijn Haagse advies soms nog wel. In deze tijd waarin zelfs overheden manipuleren en complotdenken hoogtij viert, merk je dat het vertrouwen van mensen, in elkaar maar ook in anderen, erg is afgenomen. Terwijl dat vertrouwen in elkaar en op elkaar aan kunnen en geloven in het goede van de ander, juist de kurk is waar onze samenleving op drijft.  Misschien moeten we allemaal eens meer de drie zeven van Socrates toepassen.

Tot schrijfs, Hein Pragt

Herinnering aan mijn moeder

moeder

Vandaag is het precies 14 jaar geleden dat mijn moeder overleed, na een jarenlang gevecht tegen de engste ziekte die ik ken. Mijn moeder was een bijzondere vrouw, altijd eerlijk, iemand die niet hield van oordelen en vooroordelen maar ook bijzonder positief, eigenzinnig en recht door zee. Ze was de enige die altijd in mij bleef geloven en die altijd aan hoor en wederhoor deed, maar ook haar mening niet onder stoelen of banken stopte. Ook naar mij toe was ze altijd eerlijk zonder oordelen en dat heb ik altijd heel erg in haar kunnen waarderen. Ze was een van de enigen die tegen mijn eerste ex partner durfde te zeggen: “ik kan me niet voorstellen dat alles de schuld van Hein is geweest!” en dat is haar niet in dank afgenomen. Ook als ze weer iets hoorde over mij dan was zij de persoon die mij oprecht vroeg wat daar waar van was en bij haar voelde ik me altijd gehoord, ook als ik echt iets fout gedaan had.

De eerste jaren na haar overlijden miste ik de lange telefoongesprekken die we hadden als mijn vader op zondagavond naar studio sport keek, we hadden het letterlijk over alles, ook over het leven en alles wat we meemaakten. Ook in de avonden dat ze in het ziekenhuis lag, belden we met elkaar, ik las een gedicht voor, we spraken over leven en dood, over mijn en haar leven. Zij was ook in haar jeugd haar eigen weg gegaan en zich niet zoveel aangetrokken wat de wereld dacht dat haar rol was. En ook haar was dat niet altijd in dank afgenomen, ik kon met haar ook echt overal over praten en dat maakte onze band ook bijzonder.

Haar foto hangt nog altijd in mijn woonkamer en ik denk nog regelmatig aan haar en op 16 oktober altijd even extra, in sommige opzichten lijk ik ook meer op mijn moeder dan mijn vader. In de laatste maanden voor haar dood, zat ik naast haar bed als iedereen weer in de kamer zat en hield ik haar hand vast. Dan zei ze altijd: “je hebt zulke lekker warme handen”. Als we dan naar huis gingen gaf ik haar een knuffel en zei: “ik hou van je” en dan keek ze me altijd aan en zei: “ach dat weet ik toch wel”. Ik ben blij dat ik dat toch steeds weer gedaan heb.

Vandaag denk ik met hele fijne warme gedachten aan mijn moeder.

Tot schrijfs, Hein Pragt