Moeilijke kinderen?

Of kinderen die anders zijn?

meisje knipoog (c) Romy Pragt 2016Als vader van 5 bijzondere kinderen heb ik ondertussen ruime ervaring met het praten over "probleemkinderen". Ik heb mij altijd ingezet (samen met mijn partners) om te strijden voor het feit dat onze kinderen anders mogen zijn en geen label opgeplakt krijgen. Het lijkt er op dat tegenwoordig elk kind al vanaf de peuterspeelzaal en basisschool geanalyseerd wordt en men bijna zoekt naar een indicatie van een aantal medisch-psychische problemen zoals add, adhd, dyslexie en allerlei neurologische aandoeningen in het autistisch spectrum, pdd-nos, hooggevoelig / hoogsensitief, hoogbegaafdheid, Syndroom van Asperger enz. Het lijkt wel of elk gedrag dat maar enigszins afwijkt van de norm en een kind dat te rustig of juist onrustig en druk, een probleemgeval is. Het kind is niet sociaal genoeg, verstoort de orde in de klas, vraagt veel aandacht en dat hebben we liever niet in onze overvolle klassen. In Trouw las ik dat hoogleraar opvoedkunde Jo Hermanns schreef over de problematisering van de jeugd. Maar liefst 14% van alle kinderen volgt speciaal onderwijs, woont in een pleeggezin of een tehuis, of krijgt begeleiding van de jeugdzorg of de geestelijke gezondheidszorg. Ook blijkt dat 9% van deze jongeren onterecht tot hulpverleners is veroordeeld en slechts 5% van alle kinderen die gespecialiseerde zorg ook echt nodig heeft. Ik hoop op deze pagina wat inzicht te delen, vriendelijke groet, Hein Pragt.

Om even over na te denken

De jufrouw zei: "Wat ben jij snel klaar met verven, zet er nog maar een paar kleurtjes bij." want ze zag het meisje al 5 minuten niets meer doen. De andere kinderen waren nog bezig met strepen zetten, de smeerbaarheid van verf ontdekken, met de kwast door andere kleuren gaan, verf op de vingers krijgen, ze waren en dat was de bedoeling aan het verkennen hoe verf voelt aan je vingers, op een kwast, op papier en hoe je kleuren kunt veranderen. Het meisje had nog schone vingers, ze wist al hoe verf voelde en dat wilde ze niet weer voelen. Ze had de opdracht van de juf uitgevoerd en de kleuren geplaatst op een voor haar evenwichtige manier. "Daar zie ik papier, daar zit nog geen verf." zei de juf aanmoedigend. Mismoedig pakte ze de kwast en plakte twee klodders verf op de aangewezen plaatsen en..........toen was het haar schilderij niet meer.

Wat zijn gedragstoornissen en wat zijn de kenmerken

Wanneer u te maken krijgt met een gesprek over uw kind vallen vaak veel vaktermen waarmee men u overdondert en veel mensen krijgen dan ook het gevoel dat het hun allemaal boven de pet gaat en dat de specialist (of leerkracht) het wel allemaal weet. Vaak laten ouders zich overdonderen en stemmen in met een onderzoek omdat de school aangeeft dat het in het belang van het kind is. Dit is een vorm van emotionele manipulatie omdat elke ouder natuurlijk het beste voor het kind wil, maar het is maar de vraag of het in de praktijk echt het beste voor het kind is. Het is belangrijk om uzelf als ouder ook in te lezen in de materie en te zorgen dat u mee kunt praten en voor uzelf kunt beslissen of iets inderdaad in het belang van uw kind is! Mijn advies is dan ook om zeer kritisch te blijven en zelf eerst eens informatie in te winnen of een tweede mening te vragen en niet zomaar alles voor zoete koek aan te nemen.

Om een aantal stoornissen en termen duidelijk te maken, staat hier een beknopt overzicht met links naar sites wanneer u zich verder wil verdiepen in een onderwerp. Ik ben zelf een ouder met ervaring maar geen psycholoog, ik heb een poging gedaan om de vaak wetenschappelijke teksten zo helde mogelijk weer te geven.

Wat is autisme?

Autisme is een aangeboren stoornis die zich kenmerkt door een afwijkende sociaal-emotionele ontwikkeling en een gebrekkige ontwikkeling in taal en communicatieve vaardigheden. Een kind met autisme (of een autisme verwante stoornis) ervaart de wereld totaal anders, autisme wordt ook wel een informatieverwerkingsstoornis genoemd. De informatie (de waarneming) komt niet als een geheel, maar in losse delen binnen, en moet eerst als een soort puzzel in elkaar worden gezet. Een kind met autisme moet dus eerst alle losse delen samen tot een logisch beeld en het duurt dus langer voor een kind begrijpt wat er in de omgeving gebeurt. Ook kan het kind moeilijk onderscheid maken tussen de vele prikkels die het uit zijn omgeving opvangt waardoor het zich dus ook moeilijker kan concentreren.

Kinderen met autisme hebben moeite met het herkennen van dingen en begrijpen vaak niet wat er gebeuren gaat of wat van ze verwacht wordt. Ook begrijpen ze de woorden, gebaren en gezichtsuitdrukkingen van andere kinderen minder waardoor ze last krijgen van stress en angst wat weer agressie of teruggetrokkenheid tot gevolg kan hebben. Vanwege de moeilijk te stellen diagnose rondom autisme en autisme verwante stoornissen is het met zekerheid pas op latere leeftijd vast te stellen en aangezien sommige van de signalen tevens bij een normale ontwikkeling van het kind horen moet u zich niet direct zorgen maken bij het herkennen van enkele kenmerken.

Bij kinderen van 0 - 2 jaar:

  • Ontbreken van oogcontact;
  • Niet anticiperen op het opgepakt worden;
  • Ontbreken van lachen naar de ouders;
  • Niet opzoeken van anderen om troost of affectie;
  • Niet met ongenoegen reageren op het vertrek van de ouders;
  • Het niet zwaaien naar ouders, ontbreken van begroetingen.

Kinderen boven de 2 jaar:

  • Weinig initiatief nemen in het aangaan van contact;
  • Niet graag spelen met andere kinderen;
  • Obsessief bezig zijn met bepaalde handelingen en/of speelgoed;
  • Niet of vertraagd op gang komen van de taalontwikkeling;
  • Het letterlijk nemen van wat gezegd is;
  • Het zinloos en letterlijk herhalen van eerder gehoorde woorden en zinnen;
  • Constant op en neer wiegen;
  • Fladderen met handen en/of armen;
  • Moeite hebben met het houden van fysieke afstand naar anderen;
  • Nauwelijks reageren op pijnprikkels of het roepen van zijn naam;
  • Overgevoelig reageren op geluiden.

link: wikipedia.org/wiki/Autisme

Syndroom van Asperger

Autisme kent zeer veel varianten en bovendien zijn er vormen van autisme die niet vroeg te herkennen zijn zoals het syndroom van Asperger. Het gaat hier vaak om kinderen die meer dan gemiddeld intelligent zijn, problemen hebben in het contact met anderen, afwijkend en eenzijdig gedrag vertonen, en vaak een andere of verstoorde taalontwikkeling hebben. Deze kinderen zijn in de babytijd vaak niet echt anders pas als ze naar school gaan treden de problemen op. Omdat ze vaak goed met taal zijn en heel intelligent is het soms moeilijk om te begrijpen wat er aan de hand is.

Kinderen met het syndroom van Asperger vinden het moeilijk om sociale situaties goed te begrijpen en hierdoor hebben ze vaak ook weinig tot geen vriendjes en zijn vaak erg op zichzelf. Ze kunnen moeilijk praten met andere kinderen, omdat ze vaak op een volwassen manier praten. Ze hebben niet veel verschillende interesses en zijn vaak erg gefixeerd op één bepaalde bezigheid waar ze urenlang mee bezig kunnen zijn. Kinderen met Asperger kunnen ook niet goed tegen veranderingen en raken snel van slag als dingen niet gaan zoals ze verwachten en willen graag dat alles hetzelfde blijft. Ze zijn lichamelijk onhandig en bewegen vaak traag en houterig en ook de fijne motoriek (hand-oogcoördinatie) kan niet zo goed zijn waardoor ze moeite hebben met schrijven. Ook hebben ze vaak een minder expressieve gelaatsuitdrukkingen en een wat monotone stem.

Dit zijn enkele kenmerken op een rij:

  • Het kind spreekt niet of nauwelijks, of heeft een vreemde spraak;
  • Het kind herhaalt klanken of doet ze na;
  • Het kind verwijst naar zichzelf als 'jij', 'zij' (of 'hij'), dit is normaal gedrag tot een jaar of 3;
  • Het kind heeft een opvallend woordgebruik (niet passend bij de leeftijd of de situatie);
  • Het kind is niet in staat om echt een gesprek te voeren, spreekt niet vloeiend in alle situaties, of kan alleen over een zelf gekozen onderwerp goed praten;
  • Het kind kan niet goed met andere kinderen samen spelen;
  • Het kind lijkt niet te begrijpen wat de normen in de klas zijn;
  • Het kind geeft openlijk kritiek op de leraar;
  • Het kind wil niet meedoen met groepsspelletjes;
  • Het kind is snel van slag door sociale of andere gebeurtenissen;
  • Het kind heeft een onevenwichtige verhouding met volwassenen (te intens, of juist moeite om een relatie aan te gaan);
  • Het kind vertoont heftige reacties op inbreuk van de persoonlijke ruimte, verzet zich heftig tegen aansporingen (zoals opschieten).

link: wikipedia.org/wiki/Asperger

Wat is PDD-NOS?

PDD-NOS is de afkorting van Pervasive Developmental Disorder Not Otherwise Specified, een Engelse naam voor stoornissen die worden gerekend tot de pervasieve ontwikkelingsstoornissen een overkoepelende naam voor stoornissen waartoe ook het autisme behoort. Met PDD-NOS wordt een restcategorie aangeduid die kenmerken heeft van het autisme, maar niet genoeg om zo te worden genoemd. Bij kinderen met PDD-NOS ontwikkelen sociaal begrip en de sociale intuïtie zich zeer moeizaam, waardoor ze vaak onzeker en angstig zijn. Hierdoor houden zij zich graag vast aan bekende regels en patronen die zelfs erg dwangmatig kunnen zijn. De oorzaak van PDD-NOS is nog niet echt duidelijk, men denkt wel dat erfelijkheid een grote rol speelt en het komt voor in veel varianten van sociaal een beetje onhandig tot puur autisme.

Kenmerken van PDD-NOS:

  • Onhandig en angstig gedrag in sociale situaties;
  • Weinig begrip en gebruik van nonverbale signalen;
  • Niet of nauwelijks leren van sociale ervaringen;
  • Een eenzame, gesloten indruk te maken;
  • Zich angstig te tonen voor veranderingen;
  • Heel erg vasthouden aan bepaalde routines;
  • Zich koppig en driftig te uiten;
  • Een eenzijdige belangstelling tonen;
  • Dwangmatige gedragspatronen te ontwikkelen;
  • Overgevoeligheid voor zintuiglijke prikkels;
  • Of weinig gevoeligheid voor geluiden, beelden, temperaturen of aanrakingen;
  • Trage taalontwikkeling;
  • Eigenaardig ouwelijk taalgebruik;
  • Taal vaak te letterlijk nemen;
  • Een onhandige, stijve motoriek;

link: wikipedia.org/wiki/PDD-NOS

Wat is ADHD?

ADHD is de afkorting van Attention Deficit Hyperactivity Disorder (in het Nederlands: aandachts- en concentratiestoornis met hyperactiviteit). Kinderen met ADHD hebben moeite om hun aandacht blijvend op een taak te richten (concentratie) en moeite om zich niet door allerlei prikkels uit de omgeving te laten afleiden. Ook doen ze vaak al dingen voordat ze denken en kunnen ze de gevolgen van hun eigen gedrag niet goed overzien. Kinderen met ADHD zijn voortdurend in beweging, zijn vaak snel opgewonden en gefrustreerd en voelen vaak een grote onrust van binnen. Het verwarrende kan zijn dat ze zich soms wel goed kunnen concentreren op sterke prikkels zoals spannende films of computerspelletjes. Ook is het zo dat de kenmerken van ADHD kunnen voorkomen bij andere stoornissen en druk, impulsief en ongeconcentreerd gedrag komt ook in min of meerdere mate voor bij alle kinderen, een beetje druk is soms een beetje lastig maar dus niet gelijk aan ADHD.

Kenmerken van ADHD zijn:

  • Snel zijn afgeleid;
  • Moeilijk kunnen blijven zitten;
  • Veel wiebelen, draaien en friemelen;
  • Moeilijk op hun beurt kunnen wachten;
  • Antwoord geven voordat de vraag is gesteld;
  • Moeilijk instructies kunnen volgen;
  • Moeilijk blijvend de aandacht kunnen richten;
  • Van de ene activiteit naar het andere hollen;
  • Overdreven veel praten en anderen in de rede vallen;
  • Niet luisteren naar wat anderen zeggen;
  • Veel kwijtraken en vaak dingen verliezen;
  • Zichzelf vaak in gevaarlijke situaties storten.

wikipedia.org/wiki/Adhd

Alternatieve behandelingen ADHD.

Omdat de bij ADHD voorgeschreven medicijnen zoals Ritalin, Concerta, Equasym XL en Medikinet serieuze bijwerkingen hebben, die van invloed kunnen zijn op de ontwikkeling van het opgroeiende kind, zijn er inmiddels veel alternatieve therapieën op internet te vinden voor het behandelen van ADHD. Echter, net als bij behandeling met medicatie geldt ook hiervoor dat er weinig wetenschappelijk bewijs voor handen is voor de effectiviteit van deze behandelingen. Of de onderzoeksgroepen waren te klein, of niet specifiek genoeg waardoor uitspraken over de betrouwbaarheid van de behandeling niet bewezen geacht worden. In het algemeen wordt wel gesteld dat de alternatieve behandelingen zeker een goede belofte vormen voor de toekomst. Het blijft dan ook uiteindelijk de verantwoordelijkheid van de ouders, om de juiste behandeling te vinden die aansluit bij de individuele behoefte van hun kind.

Op deze site kunt u informatie vinden over gedragstherapie, ADHD Neurofeedback, EEG Biofeedback of Hersengolf therapie, het Fewfood dieet en het Feingold dieet, vetzuursupplementen zoals visolie, homeopathische middelen en megavitamines, antioxidanten, ijzersupplementen of sporenelementen.

Link: www.leerwiki.nl/Alternatieve_behandelingen_ADHD

Wat is ADD?

Zoals de afkorting al aangeeft is ADD ongeveer hetzelfde als ADHD maar dan zonder het hyperactieve deel. Deze kinderen worden niet snel opgemerkt omdat ze geen druk gedrag vertonen, ze vertonen juist eerder passief gedrag. Ze kunnen zich niet echt concentreren op één onderwerp, dit is onmacht, het is geen kwestie van wel of niet willen. Verveling slaat snel toe, de hersenen gaan bewust op zoek gaan naar iets dat leuker, spannender of interessanter is. Kinderen met ADD hebben vaak weinig vrienden, zijn erg gevoelig, trekken zich vaak terug en zijn zeer chaotisch. Zij kunnen slecht tegen onrecht en voelen zich regelmatig eenzaam en onbegrepen. Wel hebben ze vaak een opvallend doorzettingsvermogen en leren ze vaak vaardigheden om hun gedrag te verbergen. Ze zijn vaak heel creatief en fantasierijk en hebben een bijzonder inlevingsvermogen. ADD kinderen hebben meer moeite bij planmatige taken zoals bij het rekenen dan ADHD kinderen.

Kenmerken van ADD zijn:

  • Gevoelig en emotioneel;
  • Last van stemmingswisselingen;
  • Chaotisch, ongestructeerd en vaak slordig;
  • Ontwijken vaak grote groepen en trekt zich graag terug;
  • Kan ergens helemaal in opgaan, bijvoorbeeld in een bepaalde interesse;
  • Kan zich moeilijk concentreren op een opdracht en is ook snel afgeleid;
  • Kan slecht aanwijzingen opvolgen;
  • Heeft moeite met luisteren en stilzitten;
  • Is moeilijk te motiveren;
  • Is creatief en probleemoplossend ingesteld;
  • Is erg onzeker over zichzelf en is daarnaast erg perfectionistisch;
  • Lijkt veel te dagdromen;
  • Het kind probeert altijd ver vooruit te denken;
  • Situaties overkomen iemand met ADD vaak;
  • Dingen die moeten gebeuren, worden uitgesteld tot het laatste moment.

wikipedia.org/wiki/ADD

Wat is Ritalin?

Ritalin is een medicijn dat wordt voorgeschreven bij slaapzucht en ADHD en het heeft een stimulerende werking op het centrale zenuwstelsel en verhoogt hun vermogen tot concentratie. Dit lijkt tegenstrijdig maar hierdoor worden overactieve mensen minder snel afgeleid waardoor ze rustiger worden. De werkzame stof in Ritalin is methylfenidaat. Methylfenidaat is sinds 1954 internationaal op de markt.

Het valt onder de Opiumwet en de farmacologische eigenschappen lijken op die van de cocaïne. Ritalin heeft een stimulerende werking op het centrale zenuwstelsel en verhoogt het vermogen tot concentratie waardoor kinderen minder snel afgeleid en rustiger worden. Bij mensen die geen ADHD hebben heeft Ritalin een vergelijkbare werking als cocaïne. Ook bij Ritalin kan al snel gewenning of psychische afhankelijkheid optreden. Ritalin mag alleen op doktersvoorschrift gebruikt worden en ingenomen worden volgens de voorgeschreven dosis.

Het is dus geen onschuldig medicijn en daarom is er strenge controle op het gebruik van dit medicijn en moet bijvoorbeeld bij een buitenlandse reis ook een vrijwaring meegenomen worden omdat het vrijwel overal onder de opium wet valt. De verleiding om kinderen die wat drukker zijn of slechte schoolresultaten hebben ook te behandelen met medicijnen is vaak erg groot de laatste jaren steeg het aantal gebruikers van ADHD-medicijnen ook explosief. De Nederlandse Gezondheidsraad heeft geadviseerd dat Ritalin alleen door psychiaters mag worden voorgeschreven.
Lees meer op: wikipedia.org/wiki/Ritalin

Invloed van voeding op gedragsproblemen

Nu medicatie steeds meer ter discussie staat en veel ouders toch proberen de oplossing van gedragsproblemen op een meer natuurlijke wijze op te lossen, is er steeds meer studie naar de invloed van voeding op gedragsproblemen. Bij kinderen van alle leeftijden kan onderzocht worden of de voeding mogelijk de oorzaak is van de gedragsproblemen. ADHD (druk gedrag) en ODD (opstandig gedrag), driftig of agressief gedrag kan een relatie hebben met voeding.

Ervaren ouders hebben het bewijs misschien niet nodig, maar kinderen worden inderdaad drukker van toevoegingen in snoep en frisdrank. "Bijna alle kinderen (hyperactief of niet) blijken gevoelig voor kunstmatige kleurstoffen en bepaalde conserveermiddelen," vertelt de Britse kinderallergoloog John Warner. Al vijfentwintig jaar wordt naar de relatie gezocht, met wisselende uitkomsten. De nieuwe studie is groter dan voorgaande studies, en neemt als eerste ook gewone kinderen mee. Warner zag in zijn onderzoek geen engeltjes die van een toverbal ineens over rooie gingen: "Het was meer dat alle kinderen een klein beetje drukker werden. Toch is het belangwekkend. Als je de scores omrekent, dan zorgt zo'n toename dat twee keer zoveel kinderen doorschieten in hun drukte, en de grens overschrijden waarboven het gedrag problematisch is. In een omgeving zonder toevoegingen zouden twee keer zo weinig kinderen echt nadeel ondervinden van hun hyperactiviteit."

Op deze site vindt u informatie over onderzoek naar de invloed van voeding op ADHD en op andere gedragsproblemen bij kinderen. U kunt uw kind voor dit onderzoek (het Pelsser-Voeding en Gedrag (PVG)-onderzoek) aanmelden. Dit reguliere onderzoek wordt uitsluitend uitgevoerd door het ADHD Research Centrum, met vestigingen in Eindhoven en in Rotterdam. Het onderzoek verloopt volgens een strikt protocol, het PVG-protocol. Dit protocol is wetenschappelijk getoetst en is zeer effectief gebleken.
link: www.pelsser.nl/

Een disharmonisch ontwikkelingsprofiel

De term verbaal-performaal-kloof (of Een disharmonisch ontwikkelingsprofiel) is ontstaan als een gevolg van de meetmethode die bij de WISC III gehanteerd wordt. Men meet er enerzijds het verbale IQ mee, en anderzijds het performale IQ. Het verbale IQ is een meting van alles wat betrekking heeft op woordenschat, taalgevoel, redeneringsvermogen, enz., Rekensommen worden in de vorm van (verbale) redactiesommen aangeboden, maar rekenen in het algemeen telt niet mee in de waarde van het Verbale IQ. Het performale IQ is een meting van hoe je praktisch omgaat met je kennis. Hoe los je bijvoorbeeld een praktisch probleem op. Motorische vaardigheden spelen hierbij een rol, maar evengoed een aantal inzichten, zoals bijvoorbeeld het ruimtelijk inzicht. Dit onderdeel is meer praktisch handelend dan kennis gerelateerd: figuren leggen, onvolledige tekeningen, blokpatronen, plaatjes in een logische volgorde leggen, etc. Op een non-verbale, handelende manier maak je zichtbaar wat je kunt. Een disharmonisch ontwikkelingsprofiel betekent een verschil in verbale prestaties tegenover performale prestaties of andersom. De term verbaal-performaal kloof verwijst naar een gemeten verschil in de prestaties op de onderdelen van de WISC III die tot het verbale en performale IQ worden gerekend. Wanneer dit verschil 15 punten of meer is, is er in statistisch opzicht sprake van een significant verschil.
Lees meer op: www.pharosnl.nl/?v-p-kloof

Archief artikelen

De tijd haalt veel in zo ook het onderwerp op deze pagina, het leerrugzakje (wat een oplossing moest zijn maar eigenlijk het probleem alleen maar erger maakte) is inmiddels afgeschaft en ook het onderwijs en de overheid zijn (ook onder druk van bezuinigingen) anders gaan kijken naar deze problemen. Hier staan nog wel enkele relevante artikelen die al wat ouder zijn.

Is de Nederlandse jeugd echt knettergek?

Het blad Elsevier (2009) heeft grootscheeps onderzoek gedaan naar de jeugd van tegenwoordig onder directeuren van speciale scholen, hoogleraren en indicatiecommissies. De beangstigende conclusie is dat Nederland wereldwijd koploper is in probleemkinderen. Van de 3,5 miljoen kinderen tot 17 jaar krijgen 300 duizend professionele hulp wegens opvoed- en opgroeiproblemen. Tegenwoordig worden "lastige" kinderen al op 4-jarige leeftijd psychiatrisch onderzocht en gaat er enorm veel geld om in deze "probleem industrie". Het artikel is zeer duidelijk en zeer goed onderbouwd met statistieken en bedragen. Niet voor niets geeft de ontwikkelingspsycholoog J. Bijstra aan dat probleemgedrag veel minder objectief is vast te stellen dan de indicatiecriteria suggereren.
Lees hier: het volledige artikel dat in Elsevier verscheen!

Kabinet wil medicalisering van de jeugd halt toeroepen.

November 2011

Een naar mijn mening goede bijzaak van de bezuinigingen is dat men ook weer een kritisch gaat nadenken over de medicalisering van de jeugd. De nu meer gangbare stelling is dat jongeren en hun ouders beter moeten leren omgaan met gedragsproblemen en tegenvallende prestaties. Men wil deze taak nu uitbesteden aan het wijdvertakte net van centra voor jeugd en gezin die gezinnen hierbij moet gaan helpen. Volgens CDA-staatssecretaris Marlies Veldhuijzen van Zanten-Hyllner van Volksgezondheid is de laatste jaren de jeugd geproblematiseerd, elk probleem moest gediagnosticeerd met een etiket: adhd, pdd-nos, dyscalculie, tot hypersensitiviteit aan toe. Als zo'n etiket is geplakt wordt door de overheid hulp aangeboden. Daar moeten we van af, we moeten ontproblematiseren. Die etiketjes moeten er weer af. 9 November 2011 stond er een een zeer duidelijk artikel in de Volkskrant over dit onderwerp.
Lees hier het artikel uit de Volkskrant: de pdf versie van het artikel.

Medicalisering van zeer jonge kinderen.

Gisteren zag ik op Nieuwsuur een zeer interesante documentaire over het gebruik van Ritalin bij zeer jonge kinderen. De cijfers deden mij schrikken, in 2010 slikten ruim 800 kleuters in Ritalin en dat aantal lijkt inmiddels te zijn opgelopen tot ruim duizend. Volgens de bijsluiter van de fabrikant (Novartis) mag Ritalin alleen worden voorgeschreven aan kinderen boven de 6 jaar en is er nooit enig onderzoek gedaan naar het effect op kleuters en daarom is het middel in Nederland dan ook voor kleuters niet geregistreerd. Helaas geven we dus kleuters zware medicijnen die notabene onder de opiumwet vallen en waarvan de effecten op langere termijn dubieus zijn omdat ze druk zijn en voor extra werkdruk voor de docent en school zorgen.

Op dit moment wordt Ritalin aan 150.000 mensen voorgeschreven, vooral aan kleuters en jongeren. Elke maand komen er bijna 20.000 kinderen bij. Dit is een zeer zorgelijke situatie waarbij steeds meer kinderen op jonge leeftijd al afhankelijk gemaakt worden van medicatie. Ook viel hier ook weer de relatie met het zogenaamde rugzakje op, een kind met de diagnose ADHD krijgt meestal zo'n rugzakje en daardoor wordt het aantrekkelijk om de diagnose te stellen en ook om dit zo jong mogelijk al te doen. Gelukkig gaat de minister aan deze misstand een einde maken, wel zal het vrijgekomen geld standaard naar de basisscholen moeten gaan want deze hebben het geld hard nodig om goed onderwijs te kunnen blijven geven, ook als er wat kinderen met leer en gedragsproblemen in de klas zitten.

In het programma hoorden we ook ouders van kleuters bij wie de Ritalin een erg slechte uitwerking had en agressie en verdriet veroorzaakte en hoorden we hoe ouders door scholen onder druk gezet worden om het kind te laten testen, aan de medicatie te krijgen en een rugzakje aan te vragen. Een van de ouders vertelde zelfs dat de school gedreigd had dat het kind niet meer welkom was op die school als het niet aan de medicatie ging. Alternatieven (die buiten de rugzakregeling vallen) worden meestal niet eens besproken, laat staan serieus genomen als ouders dit voorstellen.

Omdat de gevolgen op langere termijn nog niet zo bekend zijn en zeker niet als het gaat om zeer jonge kinderen waarvan de hersenen nog volop in ontwikkeling zijn, vraag ik me af hoe een school (of docent) zich kan verantwoorden om aan te dringen een kind zulke zware medicijnen toe te laten dienen waarvan de schade op langere termijn zeer ernstig kan uitpakken. Waar ligt hier het belang van het kind? Ook werd in het programma duidelijk dat de macht van de farmaceutische industrie erg ver gaat en dat er miljarden euro's aan belangen op het spel staan.

Forum vragen over: Kinderen  : Zogenaamd moeilijke kinderen

Vraag of reactieReactiesDatum en tijd
• v/P kloof en dan?(4 )2015-10-15 09:42:00
• Ervaring met het rugzakje?(1 )2011-10-12 17:00:00
• Ervaring met het opgeplakt krijgen van een label?(7 )2010-02-14 11:13:00
• Dromer laten doubleren??(5 )2010-02-13 23:19:00

Laatste 10 reacties!

Dromer laten doubleren??
Ik ga ervan uit dat je zoon in het lager onderwijs zit (groep 1-8). Wanneer zijn schoolresultaten voldoende zijn en het met die klasgenootjes klikt, is doubleren inderdaad erg ingrijpend.

Wellicht even naar de huisarts en een gesprekje met een kinderpsycholoog voeren. Daarna de schoolleiding te spreken vragen en goed onderbouwd verzoeken hem over te laten gaan.

Als zijn resultaten voldoende zijn, is er geen reden hem te laten zitten blijven. Wel is het zo dat er in groep 5 en hoger anders en harder gewerkt moet worden, huiswerk en lezen belangrijk worden etc. Ziet de school hiermee problemen oprijzen misschien?

Succes, met wat overleg kom je er wel uit.
Dromer laten doubleren??
Ja, klinkt bekend. Het gaat om de lagere school neem ik aan. Vooral bij de overgang naar groep 4 en 5 speelt dit, omdat er in die groepen wezenlijk anders gewerkt wordt dan in de onderbouw.. Planners, huiswerk, zelfstandig taken afmaken, zinsontleding etcetera. Ziet de docent hier problemen ontstaan, omdat het kind nog te speels, naïef, dromerig etcetera is, dan wordt wel geadviseerd een jaartje over te doen.

Ik ken kinderen die er niet slechter van werden een jaartje te doubleren. Na de zomervakantie moet iedereen toch weer aan elkaar wennen, en komen er weer nieuwe vriendjes. Vergeet niet dat uw zoon dan met gemak zijn resultaten haalt, en dat is veel motiverender dan ik een klas zitten waar hij op zijn tenen moet lopen en het nog niet haalt.

Bespreek het nog eens met de docent. Zoek uit waar ze problemen verwachten (zelfstandig werken? Begrijpend lezen? Rekenen? Misschien kan er de komende maanden nog wat aan verbeterd worden. Het jaar is nog niet voorbij. Maar als gezegd, een jaartje over doen kan ook veel betere prestaties opleveren. Sterkte! A.
Dromer laten doubleren??
Hoi hoi, ik merk dat ik niet zoveel info heb neergezet. Mijn zoon is 10 jaar en wordt in mei 11. Hij zit in groep 7. Alleen met rekenen loop hij iets achter. Begrijpend lezen gaat zelfs heel goed. Zijn probleem is vooral tempo!. Hij weet het allemaal wel maar zit hij lekker naar buiten te kijken naar de vogeltjes en de spinnetjes. Niettemin op dit moment is hij als de dood en werkt hij heel hard. Ik heb het de juf gezegd en zij zou een gesprek met hem aangaan. Dit is nog niet gebeurt. Ze wilt weten waarom hij het niet wilt. Maar misschien kijkt ze het nu even aan. Omdat hij een stapje harder werkt. Ik wacht haar reactie nog maar even af. Tenslotte hebben we nog een paar maanden.
In elk geval bedankt voor de reacties zover.
Ervaring met het opgeplakt krijgen van een label?
Soms word er idd erg snel met labels geplakt, maar soms kan dat label (mits zorgvuldig onderbouwd 'geplak') juist je helpen je kind beter te begrijpen/begeleiden.
Ik spreek uit ervaring met mijn autistische zoontje.
Dromer laten doubleren??
Groep 7 is het jaar van de Cito-entrée toets en in groep 8 is er de Cito-toets of NIO (Nederlandse Intelligentietest voor Onderwijsniveau) toets. Samen met de rapporten wordt een advies gemaakt welke vervolgopleiding (middelbare school) het beste is.
Als zijn schoolresultaten (rapporten) en overgangsrapport voldoende zijn en de entrée-toest een een goed resultaat geeft, dan hoef je niet akkoord te gaan met doubleren.

Dromerigheid en snel afgeleid zijn is een gedrag dat misschien veranderd kan worden met wat intensievere begeleiding. Vraag wat de school te bieden heeft aan interne begeleiding/ remeadial teaching/ pedagogische- didactische hulp etcetera om je zoon te helpen wat meer bij de les te blijven. En wat jullie hier zelf aan kunnen bijdragen thuis.

De huisarts kan je ook op weg helpen.
Ervaring met het opgeplakt krijgen van een label?
Breek me de bek niet open. Mijn zoon heeft in groep 4 het label "dyslectisch" opgeplakt gekregen. Ik moest maar snel een rugzakje aanvragen. Zowel de juffrouw als de remedial teachter vonden dat. Ik daarentegen was van mening dat mijn zoon blokkeerde. Er zaten twee flinke pestkoppen in de klas en mijn zoon laat zich niet de kaas van zijn brood eten. Een eerder gesprek met de juffrouw leverde de reactie: "Dat het wel meeviel" op. Het label deed de deur dicht. Ik ben op zoek gegaan naar een school, waar hij kon zijn, wie hij was en heb die snel gevonden. Mocht er sprake zijn van dyslexie, dan zou het daar ook wel naar voren komen. Belangrijker vond ik dat mijn zoon op zijn plek was en de innerlijke ruimte kreeg om te leren.
Tja, ik had dus gelijk: er was geen sprake van dyslexie. Hij is eigenzinnig en doet alles op zijn eigen wijze. Maar dat mag. Hij zit nu in het derde jaar van de bakkersopleiding in Hasselt, doet het geweldig, is rustiger geworden (ondanks zijn puberleeftijd) en ik ben ervan overtuigd, dat hij op zijn eigen manier zijn plekje wel vindt op deze aardbol.
Overigens bleek achteraf dat niet alleen die twee jongens de hele klas terroriseerden, maar dat ook de juffrouw de klas niet aan kon, getuige de verhalen van mijn zoon over gericht gooien naar kinderen met de lineaal of bordenwisser. Zelfs jaren nadat hij die school verlaten had, werd hij nog misselijk als we er in de buurt waren.
Verder heb ik diezelfde zoon van jongs af aan altijd moeten verdedigen naar de omgeving. Ja, hij is druk, ja hij heeft structuur nodig enz. enz., maar hij heeft geen adhd en is niet autistisch. (En als hij dat had, was dat ook geen probleem). Dit is uiteindelijk toch maar getest (ik ben toch even gezwicht), omdat mensen niet kijken naar de gebruiksaanwijzing van een kind, maar uitgaan van gemiddelden. Wijkt een kind af van wat geacht wordt normaal gedrag te zijn, dan moet er meteen actie worden ondernomen. Er kwam dus alleen uit, dat hij structuur nodig heeft. Maar welk kind heeft dat niet?
Helaas heb ik deze strijd altijd alleen moeten voeren. Mijn ex-partner plakt zelf het liefst overal een labeltje op, omdat dat hem duidelijkheid geeft. En als hij tegen mij kan ageren, doet hij dat. Zelfs na al die jaren nog steeds. Maar ja...
De andere kant van het verhaal ken ik echter ook. Ex-partner no. 2 (met wie ik mijn jongste dochter heb.. ook een geweldig kind) bleek nadat hij maandenlang met hoofdpijn rond had gelopen (en er niets van had gezegd) en nadat ik tegen allerlei zaken aanbotste in onze relatie, een stoornis in het autistisch spectrum te hebben. Hij wilde er zelf niet aan, kon en wilde er niet over praten. Mede hierdoor liep onze relatie helemaal spaak. Hij heeft wél het label gekregen, maar kon er niets mee.
Gelukkig heb ik aan hem een geweldige ex-partner, heeft mijn dochter aan hem een geweldig lieve vader en zijn bij hem ook de oudste twee kinderen meer dan welkom.
Overigens, ben ik nu met jongste in de weer, omdat ik het vermoeden heb, dat zij op het punt staat te gaan onderpresteren in de klas, omdat ze niet al te nerdy (weer zo'n label!) wil overkomen. Ik heb al gesignaleerd dat de juffrouw haar gedrag anders uitlegt in het laatste oudergesprek. Gelukkig weet ik uit eerdere ervaringen, dat de regel, dat de juf het beter weet, zoals die vroeger gold, nu niet meer opgaat. Ik heb geleerd te luisteren naar mijn eigen gevoel. En weet, dat dat goed zit.
Maar ik vraag me dus af..... What's in a label?
Dromer laten doubleren??
Jeetje, het is alsof ik de beschrijving van mijn eigen dochter zit te lezen!!
Alleen is zij 9 en zit in groep 5. Ze hebben haar groep 2 al laten doubleren omdat ze er van overtuigd waren dat het beter was. Gevolg: Ze deed helemaal niets meer. De leerkrachten wisten haar inspiratie niet te wekken.

Toen ze naar groep 3 ging kregen we de mededeling dat we er serieus rekening mee moesten houden dat ze de herfstvakantie niet zou gaan halen en dat ze naar speciaal onderwijs zou gaan.

Ze bewijst alles en iedereen het tegendeel. Goed, ze is een dromer! Maar wel normaal begaafd (ze is getest) maar met een concentratiestoornis (ADD).
Aangezien het erfelijk bepaald is, zal ik het ook wel hebben, ze is mijn evenbeeld in alles wat ze doet.

En ja, rekenen is een probleem, ze kan het wel, maar vindt het allemaal maar moeilijk. Oplossing: Ze heeft een map waar ze de antwoorden direct bij de som op mag schrijven, dus geen schrift waarin eerst alles over genomen moet worden. Ze maakt hetzelfde werk als de rest van de klas en toch heeft ze minder werkdruk.

Het is niet leuk om een diagnose te vragen, maar aan de andere kant gaan er dan ook weer deuren open voor andere manieren in hetzelfde onderwijs.

Laat je niet kisten, je zoon kan het best, alleen moet het onderwijzend personeel daar mee om kunnen gaan. Daar zit vaak het probleem
Ervaring met het rugzakje?
Bij de rugzaklijn van 0800-5010 kun je richtlijnen krijgen die volgens het rugzakje van jouw categorie (ADHD) te verkrijgen zijn. Voorbeeld : hoeveel uur extra ondersteuning etc, hoeveel euro voor speciaal materiaal besteding.
Ervaring met het opgeplakt krijgen van een label?
Ik heb deze site gevonden nadat ik uit frustratie over de opmerkingen van de juffen op school over onze jongste zoon eens intypte "ADD, PDD-NOS hype".

Al vanaf het eerste gesprek op school voor mijn oudste zoon heb ik me gestoord aan de manier waarop de minste afwijking van wat gemiddeld is als een probleem wordt bestempeld. Wij dachten dat we twee vrolijke, lieve, zachtaardige, fantasierijke en grappige jongens hadden. We hebben thuis eigenlijk alleen maar enorm plezier van ze en dachten dat er geen vuiltje aan de lucht was. Vol goede moed gingen wij dus naar het eerste 'tien minuten gesprek' van onze oudste zoon. In de auto terug naar huis zaten we allebei geschokt te zwijgen. Het heeft ons een paar dagen gekost om het een beetje te verwerken. Sindsdien zijn we er wel wat aan gewend geraakt, want elke keer was het weer raak: Van school kregen we alleen maar zorgelijke verhalen:

Onze oudste zoon ging helemaal op in zijn spel met ridders en allerlei diertjes (we hebben een hele verzameling figuurtjes van Schleich en Papo). Dit werd vreemd gevonden en jarenlang hing bij elk gesprek de suggestie van autisme in de lucht. Ik wierp almaar tegen: Als hij het nog doet als hij 18 is hebben we een probleem, maar hij is nog maar een klein kind! In groep 5 kreeg hij opeen een heel ander type juf en voor het eerst kregen we toen opeen heel positieve verhelen over hem te horen, en dat is sindsdien zo gebleven.

Maar bij de jongste is het nog in volle gang: Hji zou bang zijn voor lichamelijk contact want volgens zijn juffen schoof hij opzij als andere kinderen te dicht tegen hem aanzaten. (De laatste tijd hoor ik ze daar overigens niet meer over.) Thuis is hij echter gek op knuffelen en vind niets fijner dan op schoot zitten of over zijn voetjes of zijn rug geaaid te worden als we hem voorlezen. Ook zou hij een grote behoefte hebben aan structuur, terwijl bij ons thuis de zaken juist niet zo gestructureerd gaan en hij daar nooit moeite mee heeft.
Hij kan inderdaad soms in paniek raken. Bij zwemles bijvoorbeeld had de juf hem over het hoofd gezien en liet hem op de rand van het zwembad staan terwijl ze da andere kinderen er in liet springen en met hen begon te oefenen. Hij begon toen te huilen en holde hard weg. Maar hij is ZES!! Ik vind dat niet zo gek. Als hij thuis eens overstuur is (en ik zou zeggen dat dat niet meer dan 1x in de twee weken of zo is), is hij snel te kalmeren.

Bij het laatste gesprek werd ons aangeraden heb door een psycholoog te laten onderzoeken, omdat het niet alleen zijn eigen lerares maar ook invallers was opgevallen dat hij 'anders' reageert. Maar wat dan precies anders is blijft in het vage en hij wordt ook niet als lastig of storend ervaren in de klas. Zijn gevoel voor humor wordt bijvoorbeeld wel gewaardeerd. Ook gaat hij graag naar school en heeft tenminste 1 goed vriendje. (0nze oudste had lange tijd ook niet meer dan 1 echte goede vriend.)

Omdat bij onze oudste alles uiteindelijk loos alarm bleek hebben we natuurlijk de neiging om alle consternatie over onze jongste zoon ook maar niet al te serieus te nemen. Maar je wordt er toch onzeker van. Wat als er deze keer wel iets is? Maar dan nog: Je laat hem onderzoeken en dan komt er allicht iets uit. Hij zal vast wel in een of ander 'spectrum' passen. En wat dan?

Ieder kind heeft wel zijn angsten of zwakke punten (verlegenheid, examenangst etc.) en daar leren ze met het groter worden mee omgaan. Misschien dat sommigen daar wat extra hulp bij nodig hebben, maar op dit moment zie ik het probleem met onze jongste zoon niet zo. Toch zijn we telkens weer behoorlijk aangeslagen na die gesprekken op school, en weten we niet goed wat we doen moeten.
Ervaring met het opgeplakt krijgen van een label?
Kijk ook eens op: http://www.onskindisnietgek.nl/kinderen_die_anders_zijn/index.php

Vriendelijke groet, Hein Pragt
Last update: 01-04-2021


Disclaimer: Hoewel de heer Pragt de informatie beschikbaar op deze site met grote zorg samenstelt, sluit hij alle aansprakelijkheid uit. Op de artikelen van de heer Pragt rust auteursrecht, overname van tekst en afbeeldingen is uitsluitend toegestaan na voorafgaande schriftelijke toestemming. Heinpragt.com is ingeschreven bij de KvK onder nummer: 73839426 en is gevestigd in Veenendaal.  Lees hier de privacyverklaring van deze site. Voor informatie over adverteren op deze site kunt u contact opnemen met: (mail@heinpragt.com).