Over kinderen

Ik ben zelf vader van vijf kinderen, vier (bijna) volwassen zonen en een jonge dochter. Ik voel mij gezegend als vader, ik geloof heilig dat mensen wel denken dat ze kinderen nemen, maar kinderen neem je niet, kinderen krijg je, ze zijn een geschenk uit de hemel. Ik vind tijd doorbrengen met mijn kinderen erg belangrijk en ik ben ook een vader met hart en ziel. Desondanks heb ik wel mijn kritiek op hoe mensen tegenwoordig met hun kinderen omgaan. Maar ook heb ik een sterke mening over hoe scholen tegenwoordig omgaan met kinderen en dan vooral zogenaamde probleemkinderen. Er zijn niet zoveel echte probleemkinderen, kinderen hebben een eigen karakter en soms mist er iets aan de opvoeding maar tegenwoordig lijkt het er erg op dat we elk gedrag proberen te diagnosticeren. Scholen lijken in plaats van les te geven soms meer op de intake afdeling van de psychiatrische industrie. Kinderen zijn heerlijk onbevangen, kunnen ons soms een hele belangrijke spiegel voorhouden en wanneer mensen wel eens commentaar hebben op de jongeren van tegenwoordig dan zeg ik vaak: "kijk eens wie ze opgevoed heeft!". Ook hebben kinderen als het er op aankomt meer van uw tijd en aandacht nodig dan van uw geld, hoewel ik af en toe medelijden heb met die kinderen die het met een beetje zogenaamde "kwaliteitstijd" moeten doen. In mijn ogen is de "kwaliteitstijd" namelijk alleen een geweten susser voor ouders die geen tijd voor hun kinderen (willen) hebben en die hun eigen leven en carrière belangrijker vinden. Ook zijn kinderen vaak heel erg de dupe van kinderachtig ego gedrag van gescheiden ouders, ook hier heb ik de laatste jaren over geschreven. Een kind opvoeden is een hele serieuze taak en verantwoordelijkheid en iets waar veel tijd in gaat zitten, tijd die heel waardevol is en die u nooit meer over kunt doen wanneer de kinderen groot zijn. Daarna is het de kunst om in en met liefde los te laten. Over al deze onderwerpen wil ik schrijven op deze pagina's. Vriendelijke groet, Hein Pragt

Complimenten geven.

De meeste ouders weten dat complimentjes geven een beproefd middel in de opvoeding is. Men kan kinderen ermee stimuleren, angsten laten overwinnen, en onzekerheid verminderen. Maar het is wel belangrijk de complimenten op een goede wijze te geven want sommige complimenten werken precies tegenovergesteld. Vooral bij kinderen met een laag zelfbeeld is dit het geval, blijkt uit onderzoek van ontwikkelingspsychologen van de Universiteit van Utrecht. Hierbij maken de onderzoekers onderscheid tussen persoonsgerichte en gedragsgerichte complimenten. Een voorbeeld van persoonsgericht is "Wat ben jij goed" en gedragsgericht is "Wat heb je dat goed gedaan". Uit onderzoek bleek dat ouders vaker persoonsgerichte dan gedragsgerichte complimenten geven aan kinderen met een laag zelfbeeld en dat juist kinderen met een laag zelfbeeld niet gebaat zijn bij persoonsgerichte complimenten. Deze vorm van complimenten zorgde er juist voor dat ze zich gingen schamen als ze faalden. Gedragsgerichte complimenten daarentegen veroorzaken geen gevoelens van schaamte na falen, ook niet onder kinderen met een laag zelfbeeld. Daarom is het over het algemeen dus beter om complimenten te richten op het gedrag dan op de persoon, aldus de onderzoekers.

Persbericht Universiteit Utrecht

Kindermishandeling kan een blijvende stempel achterlaten in de hersenen.

Professor Patrick McGowan doet aan het Department of Biological Sciences van de University of Toronto onderzoek naar het verband tussen genetische wijzigingen en psychisch trauma. Het staat vast dat vroegkinderlijke negatieve ervaringen kunnen leiden tot permanente biologische veranderingen in de hersenen. De professor kwam het verband tussen kindermishandeling en genetische wijzigingen enkele jaren geleden op het spoor tijdens het bestuderen van hersenweefsel van slachtoffers van zelfmoord. Men stelde vast dat mishandeling, misbruik of ernstige verwaarlozing in de kindertijd gerelateerd was aan min of meer permanente wijzigingen in de genen. Sinds enkele jaren weet men dat er veranderingen kunnen optreden in genexpressie als gevolg van externe invloeden. Factoren als voeding, infectie en trauma kunnen een proces in gang zetten dat de genfunctie beïnvloedt zonder de onderliggende DNA-structuur te wijzigen. Onderzoek heeft aangetoond dat dergelijke veranderingen een rol kunnen spelen bij talrijke lichamelijke en psychische ziekten. Het gaat hier dan niet noodzakelijk over zware trauma's maar over wat men early life adversities noemt. Dat kan ook zijn: een vader of moeder die weinig liefde toont of onvoorspelbaar is in zijn of haar reacties maar ook een permanente stresssituatie in het gezin.

Lees hier meer over op de site van KU Leuven.

Overbeschermend opvoeden

(C) 2014 Hein Pragt

Bij overbescherming moet ik vaak denken aan het bekende nummer "Mother" van Roger Waters van het bekende album "The wall" van de band "Pink Floyd". Het hele album was een soort psychotherapie voor Roger Waters en sterk autobiografisch. Het lied gaat over de gevolgen van een overbezorgde alleenstaande moeder, die al haar angsten doorgeeft aan haar zoon, alles voor hem wil regelen en hem voor alles in het leven wil beschermen. Ook zelfs tegen de liefde van andere (vrouwen) meisjes omdat ze hem vast wil houden. In het lied vraagt het jongetje of hij een muur om zich heen moet bouwen en moeder wil hem daar met alle plezier mee helpen. Aan het einde komt dan de grote vraag: "Moeder moest de muur uiteindelijk echt zo hoog zijn?".

Overbeschermd opgevoede kinderen ontwikkelen zich op langere termijn vaak in extreme richtingen, of ze geloven dat ze niets kunnen, of juist dat ze onoverwinnelijk zijn. Overbescherming gebeurt vaak vanuit grote liefde maar is een overmatige reactie van ouders op de gevaren die hun kinderen lopen wanneer ze de wereld leren ontdekken. In de meeste gevallen leren kinderen niet om echt zelfstandig te zijn en leren ze niet dat ze soms fouten mogen maken om ervan te leren. Dit komt in de kinderopvang soms heel duidelijk naar boven maar ouders vinden zichzelf dan eerder mondige ouders dan overbeschermend. Sommige ouders zien overal gevaar in zelfs in dingen die voor kinderen heel normaal zijn zoals klimmen, rennen en overal aan zitten maar ook ruzie maken. Veel overbeschermende ouders hebben dan ook problemen met het uit de hand geven van de opvoeding van hun kinderen, maar desondanks willen ze toch (beiden) werken.

In de puberteit houden overbeschermende ouders zich vaak te veel met de vriendschappen en prille relaties van hun kinderen bezig, in Amerika heten deze ouders dan ook helikopterouder omdat ze als het ware continue boven hun kinderen cirkelen om ze in de gaten te houden. Helaas pakt de opvoeding voor deze kinderen vaak niet goed uit omdat ze vaak niet de kans krijgen te ontdekken wat ze zelf kunnen. Om zich goed te kunnen ontwikkelen moeten ouders kinderen fysieke, emotionele, mentaal en sociaal de ruimte bieden maar tegelijkertijd ook grenzen stellen. Veel mensen die overbeschermd opgevoed zijn krijgen op latere leeftijd problemen met omgang met andere mensen en problemen in vriendschappen en vooral relaties.

Overbeschermende ouders geven hun kinderen de boodschap mee dat de wereld onveilig is en dat ze altijd op hun hoede moeten zijn. Vaak combineren ze dit met de boodschap dat ze hun vader of moeder altijd kunnen vertrouwen en dat hun vader en of moeder de veilige baken in de kwaadaardige wereld is. Helaas kan het gevolg van een overbeschermende ouder, net als in het lied van Roger Waters, het bouwen van een grote muur om zich heen tot gevolg hebben. Niemand komt echt binnen en de eigen gevoelens tonen ervaart men als extreem gevaarlijk. Beter lijkt het dus om een show op te voeren van de persoon die je zou willen zijn, zonder je kwetsbaarheden te tonen. Dan komt niemand ooit te dichtbij om echt binnenin te kijken. Net doen alsof je sterk bent, andere mensen buitensluiten en alles wat jezelf kwetsbaar maakt verbannen uit het leven. Helaas komen veel van deze kinderen als volwassenen in het hulpverleningscircuit terecht.

Veel overbeschermende ouders leggen hun gedrag uit als extreme liefde voor hun kinderen waardoor het voor kinderen nog extra moeilijk is om zich hier uit los te maken. Veel overbeschermende ouders zijn er niet van bewust dat zij hun kind daarmee tekort doen. Soms zijn ouders zo bang voor alles wat hun kind kan overkomen dat ze het kind hierdoor niet de kans geven om te leren zich daartegen te verweren. Het kan voor ouders soms heel moeilijk zijn om te zien dat hun kind pijn of verdriet heeft en zich desondanks te bedenken dat hun kind juist hierdoor kan groeien en zelfstandiger kan worden. De kunst is hierbij het kind los te laten zonder het echt in gevaar te brengen.


Omgaan met de peuterpuberteit.

Wat kunt u doen wanneer uw peuter erg driftig is? Tijdens de driftbui is uw kind moeilijk te kalmeren, zorg dat het kind zichzelf of de omgeving niet beschadigen kan. Bij een driftbui raakt uw kind overspoeld door emotie zoals boosheid en woede. Het heeft geen beheersing over zichzelf en doet dingen die het anders nooit zou doen en dat kan een angstige ervaring zijn. Na afloop kan het kind helemaal ontredderd zijn en zich gedragen alsof het weer een beetje baby is. Laat het kind rustig uitrazen, bij sommige kinderen werkt beetpakken kalmerend, maar de meeste worden er nog bozer van. Andere kindjes kalmeren weer beter door ze even in afzondering te plaatsen. Wanneer het kind schopt, slaat of dingen gaat kapotmaken, moet u onmiddelijk duidelijke grenzen stellen en zeker niet toegeven. Toegeven geeft het kind de indruk dat het met een driftbui iets kan bereiken. Maak duidelijk dat u het kind aanvaard zoals het is, maar niet de boosheid.

Schud uw kind nooit door elkaar om het te kalmeren, dit helpt niet en kan zelfs gevaarlijk zijn. Wel is het belangrijk het kind na afloop te troosten. In de ontredderde toestand na een driftbui kan het kind wel wat troost gebruiken, ook al was de aanleiding tot de driftbui een conflict met u.

Wat moet u NIET doen als uw peuter een driftbui heeft.

Het is soms moeilijk om uzelf te beheersen want een driftbui aanval is helaas besmettelijk. Maar het is belangrijk om zelf niet kwaad te worden of te gaan schreeuwen. Dit zal het kind alleen nog bozer maken. Ga ook niet redeneren of tegensputteren, een kind dat een driftbui heeft is niet vatbaar voor rede. Ook moet u niet straffen, of juist belonen door hem zijn zin te geven, het is belangrijk te voorkomen dat een driftbui kan gaan dienen om aandacht te krijgen. Wanneer u in omstandigheden bent dat de driftbui u in verlegenheid kan brengen (zoals een supermarkt), ga het kind dan niet extra voorzichtig behandelen. Daardoor plaatst u het kindje in een machtspositie. Bovendien kan inconsequentie in regels het kind een onveilig gevoel geven. Andere ouders zullen u heel goed begrijpen wanneer u om probeert consequent om te gaan met een driftig kind in een openbare ruimte.

Hoe verandert je peuter snel van gedrag.

Een mogelijke oplossing is het kind afleiden, bij jonge kinderen lukt dit vaak makkelijker. Wanneer uw kind driftig gedrag vertoont kunt u het wijzen op iets leuks op tv, een boekje of de omgeving. Soms is het beter om het gedrag te negeren, er wel aandacht aan geven lokt soms nog extra negatief gedrag uit. U kunt ook het kind de gevolgen van zijn of haar gedrag laten ondervinden. Is het erg koud buiten en weigert het kind om handschoenen aan te doen, laat het dan de last maar ondervinden van het niet luisteren, maar stop wel de handschoenen in uw eigen zak. Doe dit natuurlijk niet in gevaarlijke situaties. Corrigeer het negatieve gedrag en moedig het gewenste gedrag aan. Pakt het kindje iets af van een ander kind, zeg dan dat het daar eerst om moet vragen en beloon of bevestig het kind als dit het goed doet!

Dyslexie in familie zorgt voor tien keer zo grote kans.

Dyslexie betekent letterlijk "niet kunnen lezen" en de term komt uit het Grieks. Dys = niet goed functioneren, beperkt en lexis = taal of woorden. Bij dyslexie gaat lezen, spellen en ook zelf schrijven erg moeizaam, terwijl iemand wel een gemiddelde intelligentie heeft. Er is alleen sprake van dyslexie als er geen andere oorzaken zijn die de leesproblemen kunnen verklaren. Bij dyslexie kunnen zowel lees- als spellingsproblemen voorkomen, maar deze komen ook los van elkaar voor. Kinderen met dyslexie in de familie hebben een tien keer zo grote kans om dyslectisch te worden dan kinderen zonder dyslexie in de familie. In een onderzoek laat Elsje van Bergen zien dat dyslexie niet een alles of niets conditie is, maar dat het risico op het ontwikkelen ervan continu verdeeld is. De leesvaardigheden van ouders lijken indicatief voor het risico dat kinderen lopen, hoe zwakker de ouder, des te groter de kans voor het kind om dyslectisch te worden. In het onderzoek werden kinderen met en zonder familiair risico vanaf de geboorte 9 jaar lang gevolgd. Nadat ze een paar jaar leesonderwijs hadden gehad, kon worden vastgesteld welke risicokinderen dyslexie hadden ontwikkeld.

Al in 1881 werd de aandoening door Oswald Berkhan beschreven, maar het was Rudolf Berlin die in 1887 hiervoor de term 'dyslexie' bedacht. De term werd gebruikt om het geval van een jongen te beschrijven die ernstige moeite had met het leren lezen en schrijven, terwijl hij buiten deze gebieden wel over een normale intelligentie leek te beschikken. Onderzoek heeft uitgewezen dat dyslexie een neurologische oorzaak heeft. Ook al zijn er talrijke varianten en oorzaken voor dyslexie, in veel gevallen zijn de hersenen niet goed in staat visuele of auditieve informatie te interpreteren. De hersenen kunnen dit op verschillende manieren deels, of in het geval van een milde vorm volledig compenseren door andere hersenfuncties te gebruiken. Dit is afhankelijk van de omvang van de aandoening. Op jonge leeftijd kan stimulering en training van de hersenen tot betere compensatie leiden. Dyslexie heeft voornamelijk invloed op leesvaardigheid, spelling en woordenschat. Verder kan dyslexie ook invloed hebben op gehoor, spraak, schrijven en handschrift.


Wat is de puberteit?

(C) 2008 Hein Pragt

De puberteit is de periode waarin kinderen zich tot volwassene ontwikkelen, waarbij zich grote veranderingen in het lichaam voltrekken. Ook heeft deze verandering een grote invloed op het gedrag. Meestal gebeuren deze veranderingen tussen tien en achttien jaar en duurt het ongeveer 3 jaar. Puberen wordt gebruikt voor de manier waarop jongeren zich willen afzetten tegen de gevestigde waarden en normen. Pubers voelen een biologische drang naar zelfstandigheid en deze drang naar zelfstandigheid uit zich vaak in opstandigheid tegen het ouderlijke gezag.

In de puberteit vindt een belangrijk deel van de bewustwording en de vorming van de persoonlijkheid plaats. Kinderen voelen zich vaak onzeker over zichzelf wat zeer frustrerend kan zijn en hierdoor ontstaan ook vaak conflicten met de ouders en de omgeving.

De lichamelijke veranderingen in de puberteit worden veroorzaakt door de werking van hormonen. Het bloed transporteert deze stoffen door het hele lichaam, waardoor bepaalde organen worden geprikkeld om te gaan groeien of te veranderen. Vanaf een jaar of tien neemt zowel bij jongens en meisjes de lengte en het gewicht sterk toe, het jaar voor de puberteit is de groei het hevigst.

De meeste kinderen realiseren zich zelf ook dat ze lichamelijk volwassen worden, ze beginnen al snel met het onderzoeken van hun lichaam en beginnen te masturberen. Op de middelbare school krijgen pubers vaak ook langdurige (en seksuele) relaties, hierdoor is de gemiddelde leeftijd van ontmaagding in Nederland ook sterk gedaald.

Tijdens de puberteit begint de productie van geslachtscellen, bij meisjes begint de productie van eicellen en beginnen ze te menstrueren. Meiden zijn dan ook vanaf dat moment geslachtsrijp en kunnen ze zwanger worden, wat op die leeftijd nog niet erg bevorderlijk is omdat ze geestelijk nog niet volwassen genoeg zijn om een kind te krijgen.

Bij jongens begint de productie van zaadcellen vanaf hun eerste ejaculatie maar ze zijn echter niet onmiddellijk vanaf dat moment geslachtsrijp. De eerste zaadcellen zijn meestal niet sterk genoeg en sterven al snel, pas ongeveer een jaar na de eerste zaadlozing, zijn de zaadcellen van de meeste jongens ook vruchtbaar.

Hoewel de meeste kinderen er niet graag over praten dient u als ouders wel te zorgen dat uw kinderen geestelijk maar ook seksueel op een gezonde wijze volwassen worden. Gelukkig bestaan er een aantal goede boeken om ouders door deze soms moeilijke periode heen te loodsen. U kunt een overzicht van deze boeken vinden onder aan deze pagina.

Hoe overleven we als ouders de puberteit?

(C) 2008 Hein Pragt

Voor veel ouders is de puberteit van hun kind een erg spannende fase is in het leven van het kind. Uit ervaring weet ik dat een opstandige en eigenwijze puber u soms tot waanzin kan drijven. Ook kan een opstandige en soms geraffineerde puber ouders zo tot wanhoop drijven dat de relatie van de ouders zelfs onder druk kan komen te staan.

Veel ouders hebben moeite om zich in deze periode als ouders op te stellen en niet als vriendjes, die hun kinderen duidelijk grenzen aangeven en opleggen. Maar desondanks is het soms heel moeilijk om met een puber om te gaan, ze worden zelfstandiger, u weet niet meer wat ze doen omdat ze dat niet meer vertellen. Ook willen ze er vaak niet over praten en u zult moeten leren enige afstand te nemen maar toch sturend en in gezag te blijven.

Maar soms zijn er stampvoetende ruzies, huilbuien, schoolverzuim, misbruik van drank en drugs. Soms staat zelfs jeugdzorg of de politie voor de deur en weet u weer dat opvoeden niet altijd eenvoudig is.

Wat mij erg geholpen heeft is een moeder die als ik weer eens liep te klagen over een van mijn kinderen even vertelde hoe ik in diezelfde periode was. Dit was vaak erg confronterend en meestal wist ik dan alles weer even te relativeren. Het boek "wat nou pubers" heb ik zelf meerdere keren gelezen en dit boek kan ik ook iedere ouder met pubers aanraden.

Vriendelijke groet, Hein Pragt

Hoe leg je als ouder de puberteit uit?

puber meisjespuber jongensDe puberteit is de periode waarin kinderen zich tot volwassene ontwikkelen, waarbij zich grote veranderingen in het lichaam voltrekken. Ook heeft deze verandering een grote invloed op het gedrag. Meestal gebeuren deze veranderingen tussen tien en achttien jaar en duurt het ongeveer 3 jaar. Puberen wordt gebruikt voor de manier waarop jongeren zich willen afzetten tegen de gevestigde waarden en normen. Pubers voelen een biologische drang naar zelfstandigheid en deze drang naar zelfstandigheid uit zich vaak in opstandigheid tegen het ouderlijke gezag.

In de puberteit vindt een belangrijk deel van de bewustwording en de vorming van de persoonlijkheid plaats. Kinderen voelen zich vaak onzeker over zichzelf wat zeer frustrerend kan zijn en hierdoor ontstaan ook vaak conflicten met de ouders en de omgeving.

De lichamelijke veranderingen in de puberteit worden veroorzaakt door de werking van hormonen. Het bloed transporteert deze stoffen door het hele lichaam, waardoor bepaalde organen worden geprikkeld om te gaan groeien of te veranderen. Vanaf een jaar of tien neemt zowel bij jongens en meisjes de lengte en het gewicht sterk toe, het jaar voor de puberteit is de groei het hevigst.

Tijdens de puberteit begint de productie van geslachtscellen, bij meisjes begint de productie van de eicel vanaf de eerste menstruatiecyclus. Zij zijn ook vanaf dat moment geslachtsrijp. Bij jongens begint de productie van zaadcellen vanaf hun eerste ejaculatie, zij zijn echter niet per sé vanaf dat moment geslachtsrijp, dat kan nog wel een jaar duren omdat de eerste zaadcellen nog niet sterk genoeg zijn.

Bij meisjes ontwikkelen de borsten zich, dit kan in het begin pijnlijk zijn en het begint ongeveer vanaf elf jaar. Ook begint het lichaamshaar te groeien, schaamhaar en okselhaar verschijnen en komt er meer haar op de benen en soms armen. Ook kunnen de schaamlippen groter worden, de heupen breder worden en een dikkere onderhuidse vetlaag ontstaan.

Bij jongens gaan de zaadballen groeien en ze gaan lager hangen en de penis zal ook enigszins gaan groeien, eerst dikker en daarna langer. Zijn stem wordt zwaarder (baard in de keel) en het lichaamshaar gaat groeien, schaamhaar, okselhaar en baardhaar, haar op benen (beenhaar) en armen, borst, rug en buik. De eerste zaadlozing gebeurt soms door een natte droom, maar ook vaak door masturbatie.

Lees meer over dir onderwerp op de site van de nvsh.

Wat is hoofdluis?

(C) 2009 Hein Pragt

hoofdluisHoofdluizen zijn kleine parasieten die op de hoofdhuid kunnen voorkomen. De volwassen hoofdluis is 3 mm groot. De besmetting gebeurt vaak op school en dit kan soms zorgen voor echte epidemieën. Het hebben van hoofdluis wijst niet op slechte hygiëne, zoals soms wordt verondersteld, luizen houden zelfs van erg schoon haar. De luizen klimmen met kleine klauwtjes van de ene haar op de andere en ze kunnen dus niet springen of vliegen. Het klimmen, gaat wel erg snel, dus bij nauw contact tussen twee personen kunnen de luizen 'overstappen'. Ook kunnen de luizen via kleding van de ene persoon naar de ander worden overgebracht.

Luizen leven van bloed dat zij opzuigen uit de hoofdhuid, wanneer de luis de hoofdhuid niet regelmatig kan bezoeken gaat de luis dood. De bijtplaatsen kunnen flink jeuken en deze jeuk is daarom vaak het eerste teken van een luizenbesmetting. De belangrijkste klacht bij hoofdluis is dus de jeuk die ontstaat door het speeksel van de luizen dat in de huid wordt gebracht tijdens het bloedzuigen. Wanneer de jeuk leidt tot krabben kunnen wondjes ontstaan die op hun beurt weer door bacteriën kunnen worden geïnfecteerd. Dit kan leiden tot pijnlijke ontstekingen. De luizen plakken hun eieren (neten) tegen de haarschacht aan. Na 8 dagen komen de kleine luizen uit het ei en deze zijn na ongeveer tien dagen ook weer geslachtsrijp. Een luis is in staat ongeveer 6 neten per dag te produceren. Het aantal luizen per geïnfecteerd hoofd is meestal niet meer dan 20, wel kunnen er veel meer neten aanwezig zijn.

Wat kunt u tegen hoofdluis doen?

De eerste methode is chemische behandeling met shampoo of lotion. De lotion is meestal iets sterker dan de shampoo maar stinkt ook verschrikkelijk. Het tast het zenuwstelsel van de luis aan waardoor deze dood gaat, ook de neten worden op deze wijze uitgeschakeld. Meestal is een eenmalige behandeling voldoende, wel moet u goed opletten dat vooral de hoofdhuid achter de oren en in de nek wordt behandeld. Helaas is het zo dat inmiddels sommige luizenstammen resistent zijn geworden voor een of meerdere van de chemische middelen.

Er zijn onderzoeken die erop wijzen dat kammen met fijne metalen luizenkammen soms net zo effectief kan zijn als behandeling met chemische middelen. De haren moeten dan enkele keren per week systematisch worden uitgekamd met de speciale luizenkam. Zowel de luizen en de neten zullen vooral dicht bij de hoofdhuid worden aangetroffen. De haren moeten vochtig zijn voor een optimaal resultaat en het moet bij goed licht gebeuren. Door te kammen boven een zwart papier kan de 'oogst' worden opgevangen en gecontroleerd.

Een combinatie van shampoo of lotion en kammen is het meest effectief.

Tea Tree

Met behulp van tea tree olie kunt u zelf een zeer effectief anti-luisshampoo maken. Tea tree olie kunt u bij bijna elke drogist kopen, ik koop het zelf bij etos. Neem 15 ml Creatiqe shampoo en c.a. 10 druppels pure tea tree olie. Vermeng de shampoo met de tea tree olie en masseer de shampoo goed in, laat het mengsel tien minuten inwerken en spoel het haar daarna grondig schoon.

Preventief

Doe ‘s ochtends voor het naar school gaan een druppeltje pure tea tree olie in het kuiltje van de nek en achter de oorlellen van het kind. Dit is vaak de weg die de hoofdluizen als eerste zullen nemen.

Nog een paar punten van aandacht:

  • Behandel alle met luizen geïnfecteerde personen tegelijk.
  • Controleer de haren van uw kind regelmatig na de behandeling.
  • Was al het beddengoed en kleding van besmette personen op tenminste 60º C.
  • Stop kleding die u niet kunt wassen in plastic zakken en laat ze twee weken afgesloten staan.
  • Ook harige speelgoed en knuffeldieren wassen of in de plastic zak gedurende twee weken.
  • Op school of sportclub alle jassen, dassen en mutsen niet aan de kapstok hangen, maar in afgesloten plastic zakken, om besmetting via kleding te voorkomen.

Rouwverwerking en omgaan met de dood voor kinderen

(C) 2008 Hein Pragt

Vrij recent hebben we zelf helaas mee mogen maken dat een van onze ouders, dus een van de grootouders van onze kinderen kwam te overlijden. Aangezien we kinderen in vrijwel elke leeftijdscategorie hebben moesten wel bij de diverse kinderen ook op verschillenende wijze hier mee om gaan. Ook zagen we heel verschillende reacties bij onze kinderen. U hoeft uw eigen verdriet niet te verbergen voor kinderen, deze begrijpen vaak heel goed dat u verdrietig bent, maar daarnaast heeft u richting uw kinderen ook een taak als ouder om hen te helpen bij het verwerken van het verdriet.

Niet alleen het overlijden van grootouders, maar ook ouders, ooms en tantes, vriendjes of vriendinnetjes en zelfs huisdieren zal aanleiding zijn om hier op gepaste wijze met het kind over te praten en het kind te helpen bij de rouw en de verliesverwerking. Vertel uw kind vooral de waarheid maar wel in een bewoording die het kind op zijn leeftijd kan begrijpen. Het kan voorkomen dat het kind een schijnbaar emotieloze reactie geeft, dit kan betekenen dat het kind niet de emotionele gereedschappen heeft om met deze emoties om te gaan, probeer dit dan ook niet te forceren. Wacht tot het kind zelf er over wil praten maar bied wel de opening aan. Probeer de emoties van het kind te begrijpen en biedt troost.

Laat wel heel duidelijk het verschil blijken tussen slapen en dood zijn, het kind kan anders erg bang worden om te gaan slapen. Bij het verlies van een dierbare willen ouders vaak een kind de pijn besparen die ze zelf voelen maar deze vorm van bescherming tegen de realiteit kan bij een kind juist fantasieën en angsten aanwakkeren.

Het kan lijken dat het kind snel weer tot de orde van de dag overgaat en weer gaan spelen, dit betekent echter niet dat ze niet meer verdrietig zijn of rouwen. Dot gedrag is te vergelijken met een volwassene die om zijn emoties te onderdrukken afleiding zoekt in het werk of het huishouden.

Tot ongeveer 3 jaar hebben kinderen nog geen tot weinig besef van de dood, hoewel ze wel kunnen rouwen om verlies, zijn ze vaak te jong om dood te kunnen begrijpen. Kinderen van 3 tot 6 jaar weten vaak wel het verschil tussen levend en dood hoewel ze niet het definitieve karakter van dood zien en denken dat iemand toch weer opstaat. Het is belangrijk om op een kinderlijk niveau duidelijk te maken dat dood niet hetzelfde als slapen is en dat de overledene nooit meer kan bewegen, niet meer horen of zien en dat hij niets meer voelt. Er zijn diverse boekjes die op het niveau van het kind kunnen helpen bij het begrip dood.

Kinderen van 6 tot 9 jaar beseffen vaak dat de dood iets definitiefs is wat soms beangstigend of verwarrend kan zijn voor het kind. Op deze leeftijd hebben ze vaak sterke belangstelling voor alles rond de dood zoals de begrafenis en het kerkhof . Kinderen van 9 tot 12 jaar begrijpen het fenomeen dood meestal heel goed en kunnen er heel volwassen over praten, echter dient ondanks dat ze op hun eigen wijze vaak het verdriet willen verwerken wel extra aandacht aan deze kinderen te geven.

Veilig in huis voor kinderen

Baby's beginnen op een bepaald moment met omrollen, kruipen, tuimelen, lopen of zich voortslepen. De ene baby doet het allemaal wat sneller dan de andere, het is zeker geen wedstrijd dus als uw kind er iets langer over doet is dat geen reden tot paniek of zorgen. Soms gaat het zomaar plotseling, op een dag legt u hem op de grond om even te spartelen, terwijl u een schone luier haalt en vind u hem vier meter verder onder de tafel terug. Soms is het een hele schok om te ontdekken dat uw baby echt "op stap" gaat. Wanneer de baby meer gaat rondstruinen moet u alles in huis veranderen. U kunt geen kacheltje meer ergens in een hoekje laten branden, want ze zijn er in een mum naar toe gekropen. Wat altijd een redelijk schone vloer leek, blijkt bij nadere inspectie vol te liggen met dode vliegen om op te sabbelen, munten om in te slikken, spelden en open nietjes die in knietjes gaan zitten, losse pluggen en snoeren waar kleine vingertjes in passen en kranten om heerlijk op te kauwen. Uw woonkamer is een paradijs voor grijpgrage vingertjes, de vloer moet echt zo schoon zijn dat u er van kunt eten, want dat doet uw baby.

Voorzorgsmaatregelen:

  • Sommige mensen adviseren om de grond en omgeving te controleren op eventueel gevaar door zelf door uw huis te kruipen en er van babyhoogte naar te kijken;
  • Zet elektrische waterkokers met losse snoeren weg of zorg dat ze niet voor het grijpen zijn;
  • Zet alle gevaarlijke stoffen buiten bereik: schoonmaakmiddelen, geneesmiddelen, pesticiden en andere giftige stoffen, zelfs vitaminen en kruidenmengsels. Maak op alle kastjes sloten of zet gevaarlijke stoffen niet onderin of in lage kastjes en berg ze op in dozen, buiten bereik van gretige kindervingertjes;
  • Sluit de onderkant en de bovenkant van de trap af met een hekje;
  • Zet de kinderstoel niet te dicht bij bankjes of andere klimbare meubels;
  • Zet ventilator en kacheltjes buiten bereik van uw kind;
  • Blijf in de buurt als uw baby zit te eten en snijd alles in kleine stukjes, zodat hij zich niet kan verslikken of nog erger er in kan stikken;
  • Zorg dat er geen lampen of boekenkastjes zijn die hij om kan trekken;
  • Maak ongebruikte stopcontacten dicht met een kinderstekker of laat een aardlek-circuitonderbreker aanleggen om het hele huis te beveiligen tegen elektrocutie;
  • Controleer speelgoed op kleine losse onderdelen die ingeslikt kunnen worden en scherpe randen, en beweegbare delen waar vingertjes in beklemd raken;
  • Speelgoedkisten met een zwaar deksel zijn ook gevaarlijk evenals het deksel van de piano;
  • Blijf op uw hoede als de baby in bad zit, want ze gaan steeds meer uitproberen en glijden weg of proberen de kraan open te draaien. Laat een baby nooit alleen in bad, geen ogenblik. Als de telefoon gaat of de deurbel rinkelt, reageer dan niet of neem uw baby mee als u er toch heen moet;
  • Zet schermen om kacheltjes en voor de open haard;
  • Leg een knoop in plastic boodschappentassen, om stikken te voorkomen;
  • Gooi plastic draadjes en sluitclips van broodverpakkingen e.d. weg, een kind kan erin stikken
  • Begin met goede gewoonten en laat uw kind nooit spelen met lucifers, aanstekers, snoer, elektrische apparaten of kranen;
  • Zet asbakken en hun inhoud buiten bereik;
  • Doe het hekje naar het zwembad goed dicht, dek vijvers en regentonnen af en laat uw baby nooit alleen bij een zwembad;
  • Kijk elke keer of de dop van de kruik goed afsluit en de rubberen ring nog goed is. Gebruik een kruikenzak van badstof of een molton en leg de kruik tussen twee lagen beddengoed. Zorg dat de sluiting naar het voeteneinde buiten het zeiltje en de kruik op een handbreedte van uw kind ligt;
  • Zet het wipstoeltje altijd op de grond;
  • Geef uw baby alleen kleertjes met knoopsluiting en haal losse koordjes weg;
  • Ga altijd even kijken als je baby blijft huilen;
  • Controleer geregeld of de babyfoon nog werkt;
  • Laat uw huisdier nooit alleen met uw baby in een kamer. Al zijn dieren nog zo lief, ze kunnen jaloers zijn op het nieuwe huisgenootje;
  • Neem uw kind niet op schoot als u koffie of thee drinkt en zet geen hete dranken op een tafel met een laaghangend kleed.

Darmkrampjes

Darmkrampen of kolieken kunnen veelvuldige huilbuien bij pasgeborenen veroorzaken. Ze zijn te wijten aan het nog niet optimaal functioneren van het spijsverteringsstelsel van de baby. Meestal treden de krampen op tussen de 2de en de 3de week van uw kind. Tot de 6de week kunnen ze steeds erger worden, om dan stilaan minder hevig te worden. Na 12 weken komen ze nog slechts zelden voor. Goed nieuws dus, maar daar ben jij voorlopig nog niet mee geholpen. Tegen darmkrampen bestaat geen wondermiddel. In sommige gevallen kan de dokter een geneesmiddel voorschrijven waardoor de gasophoping in het maag- en darmkanaal vermindert. Daarnaast bestaat er echter een aantal gouden tips die al veel ouders hebben geholpen om deze uitputtende periode door te komen. Let wel, geen enkele truc biedt u garantie, en als algemene stelregel onthoud u best dat elke manier om rustig met uw kind bezig te zijn, ook bevorderlijk is voor het opnieuw rustig worden van uw kind.

Venkelthee

Je kunt het als gedroogd kruid of in een theezakje kopen, maar ook als kant en klaar venkelwater bij de apotheek. Venkelthee is absoluut veilig voor uw kind en heeft geen bijwerkingen. De thee of het venkelwater kunt u met de fles geven. Ook handig is het toedienen van dit middel via een fopspeen met reservoir. Uw kind zuigt zelf het 'geneesmiddel' met kleine beetjes naar binnen en zo hoef jij zelf niet de hele tijd naast de wieg te staan.

Baby op knie of arm

Probeer het volgende eens: leg uw kind met zijn buik op uw knie, mMet de ene hand houdt u hem stevig vast, terwijl u met de andere hand over zijn rugje streelt.

In bad

Doe uw baby in bad voor het gaat slapen, zo maakt het baden deel uit van het avondritueel van uw kind. Dankzij het lauwe water ontspant uw baby helemaal. Heeft u er de moed voor (of bent u de wanhoop nabij/voorbij) dan kunt u dit trucje ook bij nachtelijke darmkrampjes toepassen.

In de draagzak

Soms is het voldoende uw kind af te leiden zodat hij de pijn minder voelt. Verandering van omgeving en frisse lucht kunnen wonderen verrichten. Indien uw kind overdag last heeft van darmkrampen, kunt u hem meenemen voor een wandeling. Uw baby ligt dan dicht tegen u aan en voelt zo uw aanwezigheid terwijl hij gewiegd wordt. 's Nachts kunt u eventueel met uw kind in de draagzak in huis rondwandelen. Met een beetje geluk zit hij meteen in dromenland. Ten slotte: elk kind is uniek en zal dus anders reageren op de middeltjes die u toepast. Sommige kinderen worden rustig van een autoritje, terwijl anderen hun pijn meteen vergeten bij het horen van huishoudelijk 'lawaai' (stofzuiger, vaatwasser, wasmachine etc.).

Zindelijkheid

Hier volgen enkel tips om uw kind te oefenen in het zindelijk worden:

  • Ga standaard een paar keer per dag met uw kind naar het toilet.
  • Laat uw kind geen uren op het potje of de wc zitten, een paar minuten is voldoende.
  • Blijf in de buurt als uw kind op het potje of op de wc zit zodat er geen ongelukjes kunnen gebeuren. Hierdoor zouuw kind extra angstig kunnen worden voor de wc.
  • Oefen niet op momenten datuw kind moe, hangerig of niet lekker is. Probeer het leuk te houden vooruw kind.
  • Zorg voor een rustige omgeving als uw kind op het potje of de wc zit, dus zonder andere mensen erbij en zonder drukte of afleidingen.
  • Dwing uw kind niet om op het potje te gaan en reageer niet boos en straf kinderen ook niet als ze te laat bij de wc zijn of als ze niet op de wc willen plassen.
  • Zet uw kind op het potje of de wc op tijden dat hij meestal plast op poept, zoals bijvoorbeeld na het eten. Op deze manier is de kans groot dat het kind bij toeval zijn plasje op het potje doet.
  • Reageer trots en blij als uw kind een plasje heeft gedaan, ook al zijn het maar een paar druppels. Op deze manier leert uw kind dat mama en papa het fijn vinden als u een plasje doet op de wc en zal dit gedrag zich dus herhalen.
  • Bedenk een leuke beloning voor elke keer dat kinderen hun behoefte op het potje of de wc hebben gedaan. Zoals bijvoorbeeld het mogen uitzoeken van een stickertje en deze op een velletje plakken en als er bijvoorbeeld tien stickertjes op zitten krijgen ze een klein cadeautje.
  • Oefen samen met uw kind, of laat het samen met een grotere broer of zus oefenen. Zet uw kind op het potje naast de wc als de ander ook naar de wc gaat. Kinderen willen namelijk vaak na doen wat papa of mama of een broer of zus doet. Ook al doen ze in het begin nog niks op het potje zo wennen ze wel aan het idee om op het potje of op de wc te zitten. Zo wordt de wc minder eng voor kinderen.
  • Geef uw kind op vaste tijden veel drinken, in plaats van kleine beetjes verdeeld over de hele dag.
  • Geef uw kind voor het slapen gaan liever geen drinken en laat hem even naar het toilet gaan.
  • Voordat u gaat slapen, neem uw kind ook even mee naar het toilet.
  • Betrek uw kind bij het verschonen, laat hem bijvoorbeeld zelf zijn kleding aantrekken.

Hoe voorkom ik dat mijn kind gepest wordt

Leer je kind voor zichzelf en anderen op te komen, kinderen moet al op jonge leeftijd nee durven zeggen, in het gezin kan uw kind oefenen. Leer uw kind om hulp te vragen, aan u, maar ook aan de leerkracht en andere die ze vertrouwen. Laat thuis merken dat u de vraag serieus neemt, dat betekent niet dat u de problemen moet oplossen, wel dat u steun verleent bij het vinden van een oplossing.

Geef kinderen de aandacht die ze nodig hebben, laat weten dat u het belangrijk vindt om te weten wat ze doen en waar ze zijn, zonder ze voortdurend te controleren. Probeer conflicten op te lossen door erover te praten, kinderen leren het meest van voorbeelden.

Laat kinderen kennismaken met veel verschillende mensen en gewoontes, als uzelf waardering en respect heeft voor mensen die anders zijn leren uw kinderen dat ook. Bemoei u zo min mogelijk met de keuze van vrienden of vriendinnen, laat uw kinderen zelf beslissen wie ze uitnodigen.

Wat kan ik doen als mijn kind gepest wordt?

Neem serieus wat uw kind zegt, probeer uw mening voor uzelf te houden en voorkom uitspraken als: "Het zijn ook rotmeiden", of "Je moet beter voor jezelf opkomen". Vraag door en luister: "Waar is het gebeurd", "wat deed jij toen", "wat zou je willen", "hoe voelde je", "wat deden de anderen" etc.

Geef vertrouwen. Onderneem enkel en alleen in overleg met uw kind actie, de ouders van de pester opzoeken is een mogelijkheid. In de praktijk blijkt dit echter niet altijd effectief te zijn, meestal kiezen de ouders de kant van hun kind of zeggen: "uw kind moet meer voor zichzelf opkomen".

Ga met de leerkracht en/of vertrouwenspersoon van de school praten en vraag wat de school kan doen, geef de school niet de schuld. Bespreek de verantwoordelijkheden van de school en ga samen op zoek naar een oplossing voor het pestprobleem.

Wat kan ik doen tegen digitaal pesten?

Zorg dat u weet waarover u het heeft, het internet is voor u misschien onbekend terrein. Ga zelf chatten, MSN-en, surfen en zoeken, downloaden en mp3tjes delen, u leert zien welke risico's er voor uw kind zijn, maar ook hoe leuk het internetten voor kinderen is.

Begeleid uw kind, leer uw kinderen om te gaan met de favorieten-lijst. Zo komt u ook op een natuurlijke manier te weten welke ontdekkingen uw kind heeft gedaan. Leer uw kind ook om nooit zelfstandig spelletjes en programma's te downloaden.

Praat over internet, vertel uw eigen ervaringen en vraag uw kinderen wat zij allemaal doen en meemaken en hoe ze dat vinden. Als u de internetwereld kent en hier belangstelling voor toont, zal uw kind eerder naar u toekomen als dat nodig is, bouw wederzijds vertrouwen op.

Zet de computer voor kinderen onder de 13 jaar op een zichtbare plaats, zo heeft u meer zicht op het internetgedrag van uw kind en bent u in de buurt om te helpen als er iets vervelends gebeurt.

Maak afspraken met uw kinderen over wat ze wel en niet mogen op de computer en hang deze eventueel op naast de computer.

Installeer een goede virus-scanner en firewall en ververs de bijbehorende virus-database minstens een maal per week.

Wees erbij als uw kind lid wordt van een site, om spelletjes en andere leuke dingen te doen op een site, moet u zich soms registreren. Als u er zelf bij bent kunt u zien welke gegevens waar naartoe gaan.

Zorg dat uw kind nooit persoonlijke informatie op internet geeft, leer uw kind om altijd een schuilnaam te gebruiken, dat is heel gebruikelijk op internet.

Leg uw kind ook uit om geen namen, telefoonnummers of adres ergens achter te laten, zelfs niet op een eigen homepage. Denk bijvoorbeeld aan de naam van de school, van vriendjes en vriendinnetjes of broers en zussen.

 

Meer pagina over het thema kinderen

 

Boeken over kinderen en opvoeding.

boekboek bestellenTemperamentvolle kinderen - Heb jij een kind dat opvliegender lijkt te zijn dan andere kinderen? Lijkt jouw kind soms koppiger dan anderen of kan hij van slag raken van iets waarvan je het totaal niet had verwacht? Dan lijkt het er op dat je te maken hebt met een temperamentvol kind. Aan het hebben van meer temperament zitten voor- en nadelen. Als je een temperamentvol kind goed begeleidt en ondersteunt, zullen de voordelen steeds vaker de bovenhand voeren. Maar dat vraagt vaak wel meer van jou als ouder dan de opvoeding van een niet-temperamentvol kind. Eva bronsveld schreef daarom dit boek, het biedt handvatten voor het opvoeden van temperamentvolle kinderen die ook goed werken bij alle andere kinderen. Het boek vol handreikingen en tips verandert het kind niet, maar de opvoeder wel. Eva Bronsveld is opvoedingskundige en geeft veel trainingen aan ouders en professionals die met kinderen werken. Ze heeft zelf 3 kinderen, waarvan 2 temperamentvol.


boekboek bestellenEerste hulp aan kinderen - Weet u wat u moet doen als een kind van de fiets valt? Of als een kind zich verslikt in een lekker snoepje of een bloedneus heeft? Dit is de officiele lesstof voor het certificaat Eerste Hulp aan Kinderen van Het Oranje Kruis. De lesstof is overzichtelijk ingedeeld en verduidelijkt met veel foto's. Handig voor ieder gezin, grootouders, gastouders, kinderdagverblijf en school. Enkele onderdelen die aan bod komen: wonden, botbreuken, brandwonden, reanimatie inclusief AED-gebruik, verslikking, kleine ongevallen, vergiftigingen, ziekteverschijnselen, etc. Deze nieuwe (4e) druk voldoet aan de actuele richtlijnen (2011) van de eerstehulpverlening, inclusief reanimatie. Onder supervisie van het College van Deskundigen van Het Oranje Kruis: autoriteit op het gebied van de Eerste Hulp in Nederland. Dit certificaat voldoet bovendien aan de wettelijke eisen voor de gastouderopvang.


boekboek bestellenHet hoog sensitieve kind - (Ook verkrijgbaar: Ebook) Een Hoog Sensitief Kind (HSK) is bedachtzamer en gevoeliger en raakt makkelijker overmand door heftige emoties dan het gemiddelde kind. Hoewel een HSK vaak creatief en slim is, krijgt het geregeld het label angstig, geremd en zenuwachtig te zijn. Om te voorkomen dat een HSK nog langer als 'probleemkind' wordt bestempeld, heeft Elaine N. Aron deze gids geschreven. Het Hoog Sensitieve Kind bevat naast zelftests, casestudies en adviezen: vier manieren om je HSK succesvol op te voeden in een niet-sensitieve wereld; hoe kun je een HS peuter en kleuter het beste kalmeren; hoe kun je vriendschappen en (school)reizen plezierig maken; hoe moet je omgaan met verschillende leeftijdsgroepen HSK; hoe kun je het beste omgaan met slaapproblemen en emotionele uitbarstingen. Bestsellerauteur en psychotherapeute Elaine N. Aron laat in dit baanbrekende boek zien hoe ouders en leraren het hoog sensitieve kind, vanaf de geboorte tot aan de puberteit, het beste kunnen begeleiden.



Forum vragen over: 07 - Kinderen  : Kinderen algemeen

Nog geen vragen of reacties binnen deze rubriek!
Last update: 29-08-2017


 Lees hier de privacyverklaring van deze site.

Disclaimer.

Hoewel de heer Hein Pragt de informatie beschikbaar op deze pagina met grote zorg samenstelt, sluit de heer Pragt alle aansprakelijkheid uit met betrekking tot de informatie die, in welke vorm dan ook, via zijn site wordt aangeboden. Het opnemen van een afbeelding of verwijzing is uitsluitend bedoeld als een mogelijke bron van informatie voor de bezoeker en mag op generlei wijze als instemming, goedkeuring of afkeuring worden uitgelegd, noch kunnen daaraan rechten worden ontleend. Op de artikelen van de heer Pragt op deze Internetsite rust auteursrecht. Overname van informatie (tekst en afbeeldingen) is uitsluitend toegestaan na voorafgaande schriftelijke toestemming van de rechthebbende. Voor vragen over copyright en het gebruik van de informatie op deze site kunt u contact opnemen met: (email: mail@heinpragt.com). Dit is mijn