Heinpragt.com
(c) Hein Pragt
 Taalfoutje melden!  Mijn Hyves
Google
 


Korte verhalen met een moraal. Op deze pagina staan diverse korte verhalen die mij persoonlijk aanspreken. Als u een leuke aanvulling voor deze pagina heeft laat het mij dan weten.

Met vriendelijke groet, Hein Pragt

Over dit onderwerp kunt u ook vragen stellen of antwoorden lezen op onze vraagbaak site.
Over dit onderwerp kunt u ook discussieren op onze discussie site.

Het verhaal van de echo.

Een man en zijn zoon lopen in het bos, plotseling struikelt de jongen en omdat hij een scherpe pijn voelt roept hij: "Ahhhh". Verrast hoort hij een stem vanuit de bergen die "Ahhhh" roept. Vol nieuwsgierigheid roept hij: "Wie ben jij?", maar het enige antwoord dat hij terugkrijgt is: "Wie ben jij?". Hij wordt kwaad en hij roept: "Je bent een lafaard!", waarop de stem antwoordt: "Je bent een lafaard!". Daarop kijkt de jongen naar zijn vader en vraagt: "Papa, wat gebeurt hier?".

De man antwoordt: "Zoon, let op!" en hij roept vervolgens:"Ik bewonder jou!". De stem antwoordt: "Ik bewonder jou!". De vader roept: "Jij bent prachtig!" en de stem antwoordt: "Jij bent prachtig!". De jongen is verbaasd, maar begrijpt nog steeds niet wat er aan de hand is.

Daarop legt de vader uit: "De mensen noemen dit ECHO, maar in feite is dit het LEVEN!
Het leven geeft je altijd terug wat jij erin binnen brengt. Het leven is een spiegel van jouw handelingen. Als je meer liefde wilt, geef dan meer liefde! Wil je meer vriendelijkheid, geef dan meer vriendelijkheid! Als je begrip en respect wenst, geef dan begrip en respect. Wil je dat mensen geduldig en respectvol met je omgaan, geef hen dan geduld en respect! Deze natuurwet gaat op voor elk aspect van ons leven.".

Het leven geeft je altijd terug wat jij erin brengt, het is geen toeval, maar een spiegel van jouw eigen handelingen.


HET VERHAAL VAN VERDRIET EN HOOP

Er was eens een kleine vrouw die langs een stoffige veldweg kwam. Ze was wel al tamelijk oud maar haar loop was licht en haar lachen, had de frisse glans van een onbezorgd meisje. Bij een inééngekrompen gedaante bleef ze staan en keek naar beneden. Ze kon niet veel herkennen. Het wezen dat daar in het stof op de weg zat leek bijna figuurloos. Het deed haar denken aan een grauwe flanellen deken met menselijke vormen. Ze bukte zich en vroeg "Wie ben jij?"

Twee bijna levenloze ogen keken moe ophoog. "Ik? Ik ben het Verdriet." Fluisterende een stem stamelend en zo zacht dat ze het bijna niet kon horen. "Och, het Verdriet!", riep de kleine vrouw blij alsof ze een oude bekende begroette. "Je kent mij?" vroeg het Verdriet wantrouwend. "Natuurlijk ken ik jou. Steeds weer heb je mij een stuk weg begeleid". "Ja maar, stotterde het Verdriet, Waarom vlucht je dan niet voor mij?" "Waarom zou ik voor je vluchten, mijn liefje? Je weet toch zelf maar al te goed dat je elke vluchteling inhaalt. Maar wat ik je wilde vragen, waarom zie je er zo moedeloos uit?' "Ik... Ik ben verdrietig" antwoordde de grauwe gedaante met gebroken stem. De kleine oude vrouw ging naast haar zitten. "Je bent dus verdrietig" zei ze en knikte vol begrip met haar hoofd. "Vertel me eens wat jou zo bedrukt."

Het Verdriet zuchtte diep. Zou dit keer echt iemand luisteren? Dat had ze zich al zo vaak gewenst. "Ach, weet je, begon ze voorzichtig, het is zo. Niemand mag mij. Het is nu eenmaal mijn bestemming om onder de mensen te gaan en een tijdje bij ze te blijven. Maar als ik kom schrikken ze terug. Ze zijn bang voor mij en mijden me als de pest.".

Het Verdriet slikte hard. "Ze hebben spreekwoorden uitgevonden met welke ze me willen verbannen. Ze zeggen "Ach, het leven is een groot feest". En hun valse lachen leidt tot maagkrampen en ademnood. Ze zeggen "Geërgerd is datgene wat hard maakt". En dan krijgen ze hartpijnen. Ze zeggen "Je moet je maar bij elkaar houden" En ze voelen het getrek in de schouders en de rug. Ze zeggen dat alleen zwakkelingen huilen. En de opgekropte tranen doen hun hoofd bijna uit elkaar springen. Of ze verdoven zich met alcohol of drugs opdat ze mij maar niet hoeven voelen."

"Och ja, bevestigde de vrouw, zulke mensen ben ik al vaker tegen gekomen.'! Het Verdriet zakte nog verder in elkaar."En dat terwijl ik alleen maar de mensen wil helpen. Als ik heel dicht bij ze ben kunnen ze zich zelf ontmoeten. Ik help hen een nest te bouwen waar ze hun wonden in kunnen verzorgen." Wie verdrietig is heeft een erg dunne huid. Het leed breekt weer op als een slecht genezen wond en dat doet pijn. Maar alleen wie het Verdriet toe laat en alle ongehuilde tranen huilt, kan zijn wonden werkelijk genezen. Maar de mensen willen helemaal niet dat ik ze help. In plaats daarvan schminken ze een schelle lach over hun littekens. Of ze leggen een dik pantser over hun bitterheid heen." Het Verdriet zweeg.

Haar huilen was eerst zwak ,toen sterker en tenslotte erg vertwijfeld. De kleine, oude vrouw nam de in elkaar gedoken gedaante troostend in haar armen. Wat voelt ze warm en zacht aan, dacht ze en streelde zachtjes het bevende hoopje. "Huil maar, verdriet" fluisterde ze liefdevol. "Rust maar uit zodat je weer nieuwe krachten krijgt. Vanaf nu zal je niet meer alleen zijn. Ik zal je begeleiden zodat de moedeloosheid niet meer aan de macht is." Het Verdriet stopte met huilen. Ze ging rechtop zitten en bekeek haar nieuwe met gezellin verbaasd aan. "Maar.....maar.. wie ben jij eigenlijk?" "Ik?", vroeg de kleine oude vrouw grijzend, maar daarna lachte ze weer onbezorgd als een jong meisje, "Ik? ,ik ben de Hoop."


GELUK

Er was eens een boer die een arm plattelandsdorpje woonde. De boer werd als iemand in goeden doen beschouwd, want hij had een paard dat hij gebruikte om mee te ploegen en ook om er allerlei dingen mee te vervoeren. Op een dag ging zijn paard ervandoor. Alle buren vonden dit vreselijk, maar de boer zei alleen maar; "Ach wat is pech en wat is geluk".

Een paar dagen later kwam het paard terug en bracht ook nog twee wilde paarden mee. De buren vonden allemaal dat hij geweldig geluk had gehad, maar de boer zei alleen: "Ach, wat is geluk en wat is pech".

De volgende dag probeerde de zoon van de boer op een van de wilde paarden te rijden. Het paard wierp hem af en de zoon brak een been. De buren boden hun medeleven aan met deze tegenspoed, maar de boer zei opnieuw: "Ach, wat is pech en wat is geluk".

Een week later kwamen er militairen naar het dorp om jonge mannen te recruteren voor de verplichte krijgsdienst. De zoon van de boer wilden ze niet hebben vanwege zijn gebroken been. Toen de buren lieten weten dat hij toch wel geluk had gehad, antwoordde de boer: "Ach wat is geluk en wat is pech".

De moraal, geluk is niet afhankelijk van externe omstandigheden maar hoe je er zelf mee omgaat.


Dit is het verhaal van Allen, Iedereen, Iemand en Niemand.

Er was eens een klusje te doen en allen waren ervan overtuigd dat iemand het zou doen.
Iedereen kon het doen maar niemand wilde het doen.
Iemand werd kwaad omdat het iedereen zijn taak was.
Allen dachten dat iemand het kon doen, maar iedereen realiseerde zich dat niemand het wilde doen.
Tenslotte beschuldigde iedereen iemand terwijl niemand deed wat ze met zijn allen konden doen.


De fabel van de drie broeders.

(Naar een lied van Fons Jansen)

Er waren eens drie broers die samen door de wereld trokken. Het waren vrijheid, gelijkheid en broederschap. De vrijheid was het rijkst en op een dag merkte gelijkheid dit op. Hij zei "omdat jij rijk bent en ik niet zijn we niet meer gelijk". De vrijheid vond dat gelijkheid zich maar aan hem moest aanpassen. Maar gelijkheid zei "ik wil niet zijn zoals jij, als we niet gelijk kunnen zijn dan liever niet meer vrij". De broers kregen grote ruzie en besloten om uit elkaar te gaan. De vrijheid trok naar het westen en werd een wereldmacht. De gelijkheid koos het oosten en heeft het ook ver gebracht. Maar wie heeft er nog ooit iets gehoord van die broederschap...


Vertrouwen.

Een bakker kreeg boter van een boer en de boer brood van de bakker.
Na een tijdje viel het de bakker op dat de stukken boter van de boer, die drie pond zouden moeten wegen, steeds lichter werden.
Zijn weegschaal gaf hem gelijk en hij klaagde zijn boterleverancier aan bij de rechter.
Uw stukken boter zouden niet het vereiste gewicht hebben, zei de rechter tegen de boer.
Dit stuk zou drie pond moeten wegen, het weegt echter veel minder.
Dat is uitgesloten, meneer de rechter, zei de boer, ik heb het elke keer nagewogen.
Misschien kloppen uw gewichten niet, meende de rechter.
Hoezo gewichten, vroeg de boer stomverwonderd.
Ik heb helemaal geen gewichten, die gebruik ik nooit.
Maar waar weegt u dan mee als u geen gewichten heeft, vroeg de rechter.
Heel eenvoudig, zei de boer, ik krijg mijn brood van de bakker en hij krijgt boter van mij.
Een brood weegt drie pond dus leg mijn boter links op de weegschaal en een brood rechts en zo weeg ik dat af.


Levensles

Mijn vriend trok de lade van de kast van zijn echtgenote open en haalde er een klein pakketje uit. "Dit is niet zo maar ondergoed", zei hij, "dit is lingerie". Hij maakte het pakje open en bekeek de zijde en het kant en vertelde toen het verhaal dat erbij hoorde. "De eerste keer dat wij naar New York gingen, acht of negen jaar geleden kocht ik dit voor haar. Ze heeft het nooit gedragen, ze wilde het bewaren voor een speciale gelegenheid, ik geloof dat dit wel het goede moment is."

Hij ging naar het bed en legde het bij de andere dingen die de begrafenisondernemers zouden meenemen. Zijn vrouw was zojuist overleden en terwijl hij zich naar mij toe draaide, zei hij: "Bewaar niets voor een speciale gelegenheid, iedere dag dat je leeft is een speciale gelegenheid". Als ik terugdenk aan deze woorden weet ik dat ze mijn leven veranderd hebben.

Tegenwoordig lees ik meer dan vroeger en maak ik minder schoon.
Ik zit op mijn terras en bewonder het landschap zonder aandacht te schenken aan het onkruid in de tuin.
Ik breng meer tijd door met mijn familie en mijn vrienden en minder tijd op het werk.
Ik heb begrepen dat het leven een geheel is van ervaringen om te waarderen.
Ik bewaar niets meer voor een speciale dag.
Ik gebruik de dure kristallen glazen iedere dag.
Ik draag mijn nieuwe jasje om naar de supermarkt te gaan, als ik daar zin in heb.
Ik bewaar mijn duurste parfum niet meer alleen voor hoogtijdagen.
De uitspraken als "ooit" en "binnenkort" probeer ik niet meer te gebruiken.
Als het de moeite waard is wil ik NU dingen zien horen en doen.

Ik denk dat ik wel weet wat de vrouw van mijn vriend gedaan zou hebben als zij had geweten dat zij er morgen niet meer zou zijn. Ik denk dat zij haar familie en intieme vrienden zou willen zien en misschien zou ze enkele oude vrienden hebben opgezocht om vrede te sluiten of zich te verontschuldigen voor een oude ruzie. Misschien was ze wel Chinees gaan eten omdat het haar lievelingseten was.

Het zijn de kleine niet gedane zaken die mij dwars zouden zitten als ik wist dat mijn uren geteld waren. Dat ik bepaalde vrienden niet meer heb gezien die ik "binnenkort" zou hebben opgezocht. Dat ik bepaalde fouten niet hersteld heb en oude ruzies niet heb uitgepraat. Dat ik de brieven die ik van plan was te schrijven niet heb geschreven. Dat ik niet vaak genoeg aan mijn dierbaren duidelijk heb gemaakt hoeveel ik van ze houd.

Nu probeer ik niets meer uit te stellen wat zou kunnen bijdragen aan het geluk in onze levens. Vanaf nu is iedere dag speciaal, elk uur, iedere minuut is bijzonder...


Roddelen.

Een boer die allerlei roddelpraat over iedereen vertelde kreeg spijt en vroeg aan de rabbi hoe hij boete kon doen.
Verzamel een zak vol kippenveren, ga daarmee het hele dorp door en leg op ieder erf bij elke deur een veer. De boer deed wat hem was opgedragen en vroeg aan de rabbi of hij daarmee genoeg had gedaan.
Nee, nog niet, zei de rabbi, nu moet je een zak nemen, langs al die huizen gaan en elke veer die je er hebt neergelegd weer oppakken en verzamelen. Maar dat is toch een onmogelijke opgave, protesteerde de boer. De meeste veren zijn al lang door de wind weggeblazen.
Toen antwoordde de rabbi, zo is het nu ook met jouw roddelpraatjes. Je spreekt ze zo gemakkelijk uit, maar hoezeer je het ook probeert, terughalen kun je ze niet.


Spiegelen.

Een Indisch sprookje vertelt over een hond die in een kamer rondrende, waarvan alle wanden van spiegels voorzien waren.
Plotseling zag hij veel honden, en hij werd woedend, liet zijn tanden zien en gromde.
Alle honden in de spiegel werden even woedend, lieten hun tanden zien en gromden.
De hond schrok en begon rondjes te lopen tot hij eindelijk in elkaar stortte.
Had hij maar eenmaal met zijn staart gekwispeld, dan hadden al zijn spiegelbeelden hetzelfde vriendelijke gebaar teruggegeven.


De speld in de hooiberg.

De speld in de hooiberg was heel trots op zichzelf en zei tegen iedereen die het wilde horen, ik ben die speld in de hooiberg waar iedereen het altijd over heeft. Op een dag had de hooiberg genoeg van die eeuwige opschepperij.
De speld was wel belangrijk, maar dat gold ook voor de hooiberg.
Dus besloot de hooiberg om er vandoor te gaan en de speld in zijn sop gaar te laten koken.
Arme speld, hij was geen speld in een hooiberg meer maar gewoon een doodordinaire speld, zoals er zoveel waren.
De nuttige gedachte achter dit verhaal is, je moet je nooit als een speld in een hooiberg voelen als je niet heel goed beseft dat je alles in je leven aan die hooiberg te danken hebt.


De kruik die stuk was.

Een waterdrager moet elke dag voor zijn meester naar de rivier om water te halen.
Aan weerszijden van zijn lichaam hing een kruik aan een houten juk.
De ene kruik was zo goed als nieuw, puntgaaf en zonder lek, de andere kruik was oud en gebarsten en hij verloor permanent water.
Bij thuiskomst blijkt de helft van deze kruik soms al leeg te zijn en dat deed de oude kruik veel verdriet.
Op een dag kan hij het niet meer voor zich houden en zegt tegen de waterdrager, meester ik schaam me zo.
Maar waarom dan toch, vraagt de waterdrager.
Omdat ik niet in de schaduw van uw andere kruik kan staan. Hij levert dagelijks de volle inhoud water af, terwijl ik onderweg steeds water verlies. O, maar dat wist ik immers al lang, antwoordt de waterdrager. En toch heb ik je al die tijd graag willen gebruiken.
Zijn die mooie bloemen langs de weg je dan niet opgevallen? Ze groeien alleen maar aan jouw kant.
Enige tijd geleden heb ik daar zaad uitgestrooid, jij hebt ze elke dag begoten en nu kan ik steeds een prachtig boeket plukken voor mijn heer.
Een tijdje komt er geen antwoord van de gebarsten kruik, zo heeft hij het nog nooit bekeken. Hij heeft die bloemen wel zien groeien, maar dat zijn meester hem bewust in dienst heeft gehouden en dat hij hem ondanks alle gebreken toch kan gebruiken, dat was nog nooit bij hem opgekomen.


Kennis en wijsheid.

Een meester had een leerling die hem op een dag smeekte de Naam van Macht van hem te mogen ontvangen. De meester beloofde dit verzoek in overweging te nemen en gaf hem in de tussentijd de volgende opdracht.
De leerling moest een kom, afgedekt met een deksel, naar een heremiet brengen die op enige afstand woonde. De opdracht was om, voortdurend denkend aan God, de weg af te leggen en de kom in ongeopende toestand over te dragen aan de heremiet. Daarna moest hij wachten op eventueel commentaar. De leerling had het vaste voornemen om stipt te gehoorzamen en verheugde zich er al op ingewijd te worden in de kennis en geheimen.
Maar het uitvoeren van de opdracht viel niet mee. Halverwege de tocht meende hij een geluid te horen vanuit de kom. Zijn nieuwsgierigheid was tot het uiterste geprikkeld, maar hij hield zich aan zijn opdracht en beheerste zich.
Even later leek het wel of zich iets in de kom bewoog. De leerling kon opeens aan niets anders meer denken dan aan wat er toch in de kom zat. Wat zou het toch kunnen zijn? Misschien was het wel een schorpioen, misschien liep de heremiet straks gevaar. Hij voelde zich overrompeld door de drang om te weten wat er in de kom bewoog en vergat zijn vastberadenheid om te gehoorzamen.
Zichzelf wijsmakend dat hij uit plichtsbesef handelde, zette hij de kom neer en tilde de deksel voorzichtig een klein stukje op om naar binnen te kijken. Maar zodra hij dat deed, wrong een klein muisje zich door de zo ontstane opening en glipte weg voordat de leerling hem kon tegenhouden.
De kom bleek verder leeg te zijn. Zonder iets van zijn fout te laten merken, voerde de leerling de rest van de opdracht uit. Hij begroette de heremiet, overhandigde de inmiddels weer afgesloten kom en vroeg welk antwoord hij mee terug kon nemen.
Het antwoord, zei de heremiet indringend, is dat iemand die zich niet beheerst en geen geheim kan bewaren niet geschikt is om de Naam van Macht te leren.


Zelfbeheersing

Er was eens een jongen met zeer weinig zelfbeheersing.
Zijn vader gaf hem een zak spijkers en zei tegen hem dat elke keer als hij zijn zelfbeheersing verloor, hij een spijker in de achterkant van de schutting moest slaan. De eerste dag sloeg de jongen 37 spijkers in de schutting. Over de volgende paar weken, toen hij leerde om zijn kwaadheid onder controle te krijgen, werd het aantal spijkers dat hij in de schutting sloeg geleidelijk aan minder. Hij zag in dat het gemakkelijker was om zijn zelfbeheersing niet te verliezen, dan al die spijkers in de schutting te slaan....... Uiteindelijk, kwam de dag dat de jongen zijn zelfbeheersing niet meer verloor.
Hij vertelde dit aan zijn vader en zijn vader stelde voor dat de jongen nu voor elke dag dat hij zijn zelfbeheersing behield hij een spijker uit de schutting haalde.
De dagen gingen voorbij en de jonge man was eindelijk zover dat hij zijn vader kon vertellen dat alle spijkers waren verdwenen.
De vader nam de jongen bij de hand en ging met hem naar de schutting.
Hij zei: "Je hebt het goed gedaan, mijn zoon, maar kijk nu eens naar al die gaten in de schutting. De schutting zal nooit meer hetzelfde zijn. Als je dingen zegt in woede, dan laten ze een litteken achter net als deze gaten. Je kunt iemand met een mes steken en het mes er weer uit trekken. Het maakt niet uit hoe vaak je zegt dat het je spijt, de wond zal er blijven."
Een verbale wond is even erg als een fysieke wond.


Op zoek naar de waarheid.

Een leerling vroeg eens aan zijn meester, meester hoe hoog moet ik klimmen om de waarheid te vinden?
Zijn meester keek hem aan, en na een lange stilte zei hij, de waarheid is dichtbij je op de grond, maar je wilt je niet bukken om haar op te rapen.


Verschil in perspectief.

Zeven leerlingen maakten met hun meester ergens in het verre Oosten een ochtendwandeling. In het prille zonlicht schitteren de dauwdruppels. Bij een grote dauwdruppel liet de meester halt houden. Hij schaarde de leerlingen zo rondom de druppel dat de zon erop bleef schijnen en vroeg hun toen welke kleur de druppel had.
Rood zei de eerste, oranje zei de tweede, geel zei de derde, groen zei de vierde, blauw zei de vijfde, paars zei de zesde en de zevende zei violet. Ze stonden verbaasd over deze verschillen, en aangezien ze er allen zeker van waren dat ze het goed zagen, kregen ze bijna ruzie.
Toen liet de meester hen van plaats wisselen.
En heel langzaam drong het tot hen door dat zij ondanks de verschillen van hun waarneming, toch allen de waarheid hadden gesproken.


Je eigen mening volgen.

Hier volgt een voorbeeld van een verhaal van Hodja, een Turkse godsdienstonderwijzer en lesgever in de Koran.
Op een dag gingen Hodja en zijn zoon op reis. Hodja gaf er zelf de voorkeur aan te lopen en zette zijn zoon op de rug van de ezel.
Zo gingen zij op weg tot zij een paar mensen tegenkwamen die zeiden:
"Zie daar de wereld op zijn kop. De jeugd heeft geen respect meer voor de ouderdom. Die gezonde jongen rijdt op een ezel, terwijl zijn arme, vermoeide vader nauwelijks vooruit komt."
Toen de jongen dit hoorde stond hem het schaamrood op de kaken. Hij stapte af en stond erop dat zijn vader verder zou rijden.
Zo liepen ze voort, Hodja op de ezel en de jongen te voet. Even later kwamen ze weer mensen tegen die zeiden:
"Moet je dat zien! Wat een ontaarde vader, die zelf lekker op de ezel zit en zijn kind laat lopen."
Na dit verwijt draaide de Hodja zich naar zijn zoon en zei:
"Kom, dan zullen we samen op de ezel rijden."
Zo vervolgden ze hun weg, tot zij mensen tegenkwamen die zeiden:
"Kijk, dat arme beest! Zijn rug zakt door onder het gewicht van hen beiden, wat een dierenbeulen!"
Daarop zei Hodja tot zijn zoon:
"Laten we afstappen. Het is beter dat we allebei te voet gaan, dan kan niemand ons nog verwijten maken."
Zo liepen ze verder achter hun ezel. Tot een stel voorbijgangers wederom commentaar leverde:
"Zie wat voor dwazen er op de wereld zijn. Ze lopen in de brandende zon en geen van beiden denkt eraan op de ezel te gaan zitten."
Hodja draaide zich om naar zijn zoon en zei:
"Je hebt het gezien, mijn zoon. Hoe je je ook gedraagt, op en aanmerkingen zullen altijd je deel zijn. Leer daarom je eigen mening te volgen."


Samen sterk.

Er was eens een man die drie zonen had. Tot groot verdriet van de man maakten de drie jongens altijd ruzie. Op een dag zei de vader, breng me zoveel takken als je kunt dragen! De jongens renden het bos in om takken te verzamelen en ieder kwam terug met een bos takken.
Neem nu ieder 1 tak zei de vader en probeer die te breken. Hartstikke makkelijk zeiden de jongens en ze braken hun stokken in twee.
Bind nu alle stokken met een touw samen zei de vader en probeer nu de hele bos takken te breken.
Ze probeerden het om de beurt, maar de takken die afzonderlijk zo gemakkelijk gebroken konden worden, waren samengebonden zo sterk als staal. Zie je zei hun vader, wat jullie met deze stokken doen kan ook met jullie gebeuren.
Wanneer je altijd alleen voor jezelf vecht, ben je alleen en kun je gemakkelijk aangevallen en gebroken worden.
Samen zijn jullie sterk, dat geldt voor stokken maar ook voor mensen.


Het verhaal van de steenhouwer.

Er was eens een man die stenen hakte uit een rots. Hij vond zijn werk veel te zwaar en droomde dat hij rijk was, en plotseling was hij rijk.
Op een dag stond hij langs de weg toen er een koning voorbij kwam in een prachtige koets. Was ik maar koning dacht hij ontevreden, dat zou nog mooier zijn, en plotseling was hij koning.
Met veel ruiters en paarden reed hij in een gouden koets door zijn rijk. Maar de koning begon te klagen over de hete zon, die in zijn gezicht schroeide. Ontevreden als hij was zuchtte hij en dacht, was ik maar de zon. En zie onmiddellijk was hij de zon en strooide hij zijn gouden stralen over de aarde. Totdat er een wolk kwam die zijn stralen tegenhield.
Ik wou dat ik zo machtig was als die wolk, dacht hij ontevreden. En zo werd hij een wolk en kon hij de stralen van de zon tegenhouden.
De wolk viel in grote druppels naar de aarde en het water stroomde woest over het land, alleen een rots bleek machtiger dan het water.
Toen werd hij kwaad omdat de rots nog sterker was en wilde hij liever een rots zijn, en ook dit gebeurde.
Toen kwam er een man met een scherpe beitel en grote hamer en hakte in de rots om er stenen van te maken.
Toen dacht de rots, was ik maar weer die steenhouwer. Het gebeurde en vanaf dat moment deed de man elke dag zijn zware werk en was tevreden.


Proberen.

Een goeroe raadde zijn studenten aan om drie keer per dag te mediteren. De meeste van zijn volgelingen keken hem wat bezwaard aan. Hun commentaar was bijna gelijkluidend: "Ik zal het proberen.". De goeroe knikte ernstig en terwijl hij terug liep naar zijn zitplaats, viel het boek dat hij onder zijn arm had op de grond. Verstoord draaide hij zich om, bukte voorover, reikte naar het boek, maar greep er tien centimeter naast. Keer op keer greep hij vergeefs naar het boek. Zijn studenten keken hem verbijsterd aan. "Probeer jij het ook eens", daagde de goeroe een van hen uit. De student liep naar het boek, boog voorover, pakte het boek en reikte het zijn goeroe aan. Die sloeg boos het boek uit de handen van de student en zei: "Ik vroeg je niet het boek op te pakken, ik vroeg je alleen maar het te proberen!"


Doel voor ogen.

Er was eens een boer die drie zonen had van wie hij veel hield. Hij werd echter wat ouder en moest beslissen welke van zijn zoons het land en alle bezittingen zou erven. De boer besloot om alle drie zoons dezelfde kans te geven en nam ze mee naar de akker. Daar vertelde hij zijn zoons dat degene die aan de andere kant van de akker zou komen via de meest rechte lijn het bedrijf zou erven. De oudste zoon mocht beginnen. Hij begon te lopen, keek nu en dan om en stuurde bij. De tweede zoon die dat zag, besloot om achterstevoren te lopen. De derde zoon nam een boom aan de horizon in het vizier en liep er recht op af. Hij won.
De moraal van dit verhaal is: met een duidelijk doel voor je ogen krijg je het beste resultaat.


Het zwaard van Damocles.

Dionysius was een koning die vier eeuwen voor Christus leefde. Hij was rijk en woonde in een duur en groot paleis. Hij doeg dure kleren en juwelen en had zelfs een groep wijze mannen om zich heen die hem moesten prijzen om zijn ego te behagen. Een van die mannen was Damocles die de koning vertelde hoe goed het leven van een koning toch was. Dionysius zei daarop tegen Damocles: "Als je denkt dat mijn leven zo geweldig is, zou je dan niet met mijn willen ruilen?"

Damocles wilde dat wel en Dionysius liet alles in orde brengen zodat Damocles het leven van de koning kon ervaren. Damocles had het heel erg naar zijn zin tot hij een heel groot zwaard ontdekte dat boven zijn hoofd hing aan een dunne paardenhaar. Hij schrok hevig en vroeg aan Dionysius waarom dit zwaard boven zijn hoofd hing. De koning vertelde toen dat zijn leven er wel heel erg comfortabel uitzag maar dat het leven van een koning ook dermate gevaarlijk was dat er symbolisch altijd een zwaard boven zijn hoofd hing. Damocles bedacht zich snel en ging terug naar zijn arme maar veel veiliger leven.


Het paard van Troje.

Het verhaal begint met de drie godinnen Hera, Athena en Afrodite. Deze vroegen de Trojaanse prins Paris de mooiste onder hen te kiezen. Afrodite won deze weddenschap door Paris de liefde van een supermooie vrouw te beloven.

Paris zeilde naar Griekenland waar hij gastvrij werd onthaald door Helena, de vrouw van de Spartaanse koning Menelaos. Volgens de Griekse legende was Helena de mooiste vrouw van de wereld. De mooie Helena was gelukkig getrouwd maar liet zich onder de invloed van de godin Afrodite overtuigen om met Paris naar de stad Troje te gaan. Dit was de beloning voor Paris van de godin Afrodite.

De boze bedrogen koning Menelaos trommelde alle Griekse koningen op en zeilde met een leger van wel duizend schepen, zijn vrouw achterna waarna een negenjarige belegering van de stad Troje zou beginnen.

Na negen jaar vergeefse belegering werd Troje ingenomen dankzij een sluwe list. De Grieken bouwden een groot houten paard waarin ze een aantal soldaten verborgen. Deze lieten ze buiten de stad achter waarna ze deden alsof ze zich terug trokken naar hun schepen. De Trojanen geloofden dat de Grieken het paard gebouwd hadden als eerbetoon voor hun moedig verzet.

Tijdens het feest ter ere van het einde van de belegering haalden de Trojanen in een dolle feestvreugde het paard binnen de muren van hun stad. Die nacht verlieten Griekse krijgers de houten buik van het paard en brandden Troje plat.

Afrodite liet daarna Paris ontkomen in een wolk en Helena keerde met haar man Menelaos weer terug naar Sparta. Maar de goden waren boos door alles wat was voorgevallen en hun terugtocht duurde jaren. Helena en Menelaos leefden daarna nog lang en gelukkig.

In dit verhaal zit meer dan 1 moraal zoals het manipuleren in de liefde, overspel en te goed vertrouwen.


De weg van Zen.

Een oude Zenmeester en zijn leerling waren aan het wandelen in een uitgestrekt bos. De leerling vroeg zijn meester: "Meester, wat is de weg van Zen?"
De meester antwoordde: "Hoor je de vogels? Zie je de zon? Zie, ik verberg niets voor jou!"


Samenwerken.

Het gebeurde eens dat een groot bos in brand raakte. Er waren twee mensen in het bos, de een was blind en de ander was lam en kon dus niet lopen. Beide mannen hadden op zichzelf geen schijn van kans om het bos tijdig te verlaten. Dus sloten ze een overeenkomst, de blinde nam de lamme op zijn schouders en omdat de lamme man kon zien en de blinde kon lopen werden ze tot één man. Ze kwamen het bos uit en redden hun leven.


Leegmaken.

Een professor van een universiteit ging eens bij een bekende Zenmeester op bezoek. Terwijl de Zenmeester rustig thee inschonk, praatte de professor over Zen. De Zenmeester schonk de kom vol tot aan de rand en bleef daarna doorschenken. De professor keek naar de kom die overstroomde totdat hij zich niet langer kon beheersen. "Stop, de kom is helemaal vol, er kan niets meer bij!" stamelde de professor. "U bent net als deze kom met thee," antwoordde de Zenmeester, "Hoe kan ik u Zen laten zien als u niet eerst uw eigen kom leeg maakt?"


Twee monniken en een vrouw.

Twee monikken die op reis waren kwamen bij een rivier aan, waar ze een vrouw ontmoetten. Omdat de vrouw bang was voor de stroming in de rivier vroeg ze of de monniken haar naar de overkant wilden dragen. Een van de monniken aarzelde, maar de andere zette haar op zijn schouders, stak het water over en zette haar neer op de oever aan de overkant van de rivier. De vrouw bedankte hen en vertrok. Terwijl de monniken hun reis vervolgden, was de ene monnik in zichzelf gekeerd en aan het broeden. Niet meer in staat om het zwijgen te bewaren zei hij wat hem dwars zat. "Broeder, onze spirituele training leert ons elk contact met vrouwen te mijden, maar jij pakte haar op je schouders en droeg haar!"
"Broeder", antwoordde de andere monnik, "Ik heb haar neergezet aan de overkant, terwijl jij haar nog steeds bij je draagt."


Eerlijk delen.

Er waren eens een leeuw, een ezel en een vos, die gezamenlijk op jacht gingen. Ze hadden succes en vingen een luipaard. De leeuw zei tegen de ezel: "Verdeel jij nu eerlijk de buit". En de ezel deelde scrupuleus nauwkeurig in drie gelijke delen, waarop de leeuw zo woedend werd, dat hij de ezel opat. Bleven over de leeuw en de vos. Zij gingen weer op jacht. Opnieuw hadden zij succes en 's avonds was er weer een luipaard gevangen. De leeuw zei tegen de vos: "Verdeel dat nu eens eerlijk". De vos hield één oortje voor zich en de rest kwam aan de leeuw. Toen zei de leeuw: "jij hebt goede manieren, wie heeft je dat geleerd?". "De ezel", zei de vos.


Twee hele mooie Engelse verhalen.

A Story to Live By     By Ann Wells (Los Angeles Times)

Throw the Bums Out!     By Loa Stewart Bridgeport, California, USA


Over dit onderwerp kunt u ook vragen stellen of antwoorden lezen op onze vraagbaak site.
Over dit onderwerp kunt u ook discussieren op onze discussie site.

Last update: 01-08-2005


Disclaimer.

Hoewel de heer Hein Pragt de informatie beschikbaar op deze pagina met grote zorg samenstelt, sluit de heer Pragt alle aansprakelijkheid uit met betrekking tot de informatie die, in welke vorm dan ook, via zijn site wordt aangeboden. Het opnemen van een afbeelding of verwijzing is uitsluitend bedoeld als een mogelijke bron van informatie voor de bezoeker en mag op generlei wijze als instemming, goedkeuring of afkeuring worden uitgelegd, noch kunnen daaraan rechten worden ontleend.
Op de artikelen van de heer Pragt op deze Internet Site rust auteursrecht. Overname van informatie (tekst en afbeeldingen) is uitsluitend toegestaan na voorafgaande schriftelijke toestemming van de rechthebbende. Voor vragen over copyright en het gebruik van de informatie op deze site kunt u contact opnemen met: (email: copyright@heinpragt.com)

Webdedesign: © Hein Pragt
Fotografie: © Hein Pragt
Auteur: © Hein Pragt